Translate

Zoeken in deze blog

Posts tonen met het label biergeschiedenis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label biergeschiedenis. Alle posts tonen

dinsdag 15 februari 2022

white label 2021 (10,2%) Chocolate Stout Maple Syrup BA

Weer zo'n afkorting BA, van barrel aged, in hout gerijpt. Het bier schenkt mooi zwart in het glas en bruist flink. Het zwarte bier bruist zo de bruine schuimkraag weg. Het is meteen schuimloos. Plat zo ik bijna zeggen, maar het bier heeft nog steeds een behoorlijke carbonatie. Mondgevoel is prikkelend, het is niet superveel koolzuur. De geur heeft een punch, al kan ik die niet goed duiden. Mondgevoel is dik, dit is geen waterig bier. De geur heeft chocolade en alcohol. De smaak, ja wat zeg ik van de smaak? Het is niet echt opvallend of stevig eigenlijk. Bijzonder? 

Emelisse White Label Chocolate Stout Maple Syrup BA - 2021...Alcohol percentage (in %) 10,20% Original gravity (in °P) 24°P Ingredients Water, barley malt, sugar and yeast... EBC (colour) 100 EBU (bitterness) 40 (https://www.emelisse.nl/wp-content/uploads/2021/10/Productsheet-Emelisse-White-Label-Chocolate-Stout-Maple-Syrup-BA-EN.pdf)

Een aangename Barrel Aged Stout met de smaken van ahornsiroop, vanille, chocolade en op de achtergrond geroosterd hout met zijn gekenmerkte Bourbon-achtige smaak. (https://beerizer.com/shop/kaiexclusivebeers/white-label-chocolate-stout-maple-syrup-ba-2021-emelisse--190400)

Emelisse White Label 2021 Series Chocolate Stout Maple Syrup BA may not be available near you. (https://www.taphunter.com/beer/emelisse-white-label-2021-series-chocolate-stout-maple-syrup-ba/6634633208135680)

Brouwerij Emelisse brewed its first beer back in 2005 as one of the very first craft beer breweries in The Netherlands. These days, the brewery is located in a former castle in the city centre of Goes, in the province of Zeeland. As a true pioneer, our classic and innovative beers are brewed exclusively with the purest ingredients worldwide available. Different types of beers are brewed daily, all with the characteristic taste experience for any beer lover, ranging from less experienced drinkers to the most critical experts. As an independent and innovative brewery, Emelisse likes to keep up with the trends in the international scene, but loves setting them even more. However, always with great respect for the natural product. (https://www.emelisse.nl/en/)

Nouja 2005 als één van de eerste? Nouja wanneer begon eigenlijk die craftrevolutie?

Kranten en websites melden veelvuldig dat de trend is overgewaaid uit Amerika. Andere bronnen bestempelen het als een revival van een Nederlandse biercultuur die bestond vóór de opkomst van pils. In het recente The Geography of Beer wordt de speciaalbierrevolutie in verband gebracht met een hernieuwde waardering voor lokale producten. Dat laatste lijkt in Nederland ook het geval, maar opvallend genoeg niet zozeer in de grote steden. Amsterdam, de gemeente met de meeste brouwerijen, toont meer kosmopolitische productie- en consumptietrends. (https://geografie.nl/artikel/bierrevolutie-in-nederland)

‘Micro-brewing’ ontstond in de jaren tachtig in de Verenigde Staten. Lokale hobbyisten brouwden hun eigen bier uit onvrede met het eenzijdige aanbod van goedkoop, massaal geproduceerd bier. In de jaren negentig groeide het marktsegment met 35 tot 58 procent per jaar. Uit die tijd bestaat in Amsterdam alleen nog brouwerij ’t IJ, dat bier brouwt sinds 1985.
In 1985 begon ook bierwinkel ‘De Bierkoning’. Werknemer Ton Zijp (49) vertelt dat hij in achttien jaar in het vak niet eerder zo veel interesse heeft gezien voor ambachtelijk bier. Zijp: “Mensen vinden meer speciale momenten voor bier. Vooral jong publiek wil iets meer avontuur in een biertje. Onze omzet is daardoor de afgelopen vijf jaar verdubbeld en ook speciaalbiercafés zien meer vraag. Er vindt een revolutie plaats op biergebied.” Nelson verklaart de relatief late opkomst van microbrouwerijen in Nederland door de dominante marktpositie van de grote bierbrouwers. “Daarnaast werden dit soort bieren altijd gezien als speciaalbier. Maar waarom is pilsener het enige normale bier? Wij maken droge en lichte bieren van tweeënhalf tot acht procent. Dat is bier voor elke dag en vormt dus een serieus alternatief voor de pilsener.” (https://www.napnieuws.nl/2014/01/24/kleine-brouwerijen-worden-groot/)

Pubs zijn een centrale sociale hoeksteen in de Europese cultuur sinds de tijd van de Romeinen., Deze gemeenschapsruimtes maakten het mogelijk en moedigden de lokale bevolking aan om samen te komen en vaak openbare evenementen te bespreken — vandaar de term “publieke zaal.”Ze hadden echter niet altijd harde gesprekken. Veel mensen zouden gewoon zitten en de tijd doden. Het ding dat pubs scheidde van de cafés van die tijd was de focus op bier en wijn in plaats van koffie of thee. Echter, veel pub-eigenaren geprofiteerd van hun locatie door het exploiteren van aangrenzende winkels waar mensen algemene goederen konden kopen., een aanzienlijk deel van Europa ‘ s oudste alcoholische drankbedrijven was eerst het interne merk van een kleine pub, omdat ze gespecialiseerde dranken begonnen aan te bieden. ... een microbrouwerij is een brouwerij die 15.000 vaten of minder bier per jaar produceert. Zij moeten ook 75% of meer van dat bier verkopen op andere locaties, hoewel sommige microbrouwerijen kleine proeverijen of een bar hebben voor consumenten., Microbrouwerijen voltooien hun verkoop op een van de volgende drie manieren:
drieledig systeem: De Brouwer verkoopt aan een groothandelaar die verkoopt aan een detailhandelaar die verkoopt aan de consument.
Tweeledig systeem: De Brouwer treedt op als groothandelaar en verkoopt aan de detailhandelaar die aan de consument verkoopt.
Directe Verkoop: De Brouwer verkoopt rechtstreeks aan de consument via carry-outs of verkoop vanuit een eigen taproom of restaurant., 
Brewpub
een brewpub is een kruising tussen een restaurant en een brouwerij. Zij verkoopt ten minste 25% van haar bier ter plaatse in combinatie met belangrijke voedselservices. Bij een brouwerij wordt het bier voornamelijk gebrouwen voor verkoop in het restaurant of de bar. Waar het wettelijk is toegestaan, brewpubs kan bier verkopen om te gaan of te distribueren naar een aantal offsite bestemmingen. 
Taproombrouwerij
een taproombrouwerij is vergelijkbaar met een brewpub omdat zij 25% of meer van haar bier ter plaatse verkoopt., Het belangrijkste verschil is dat er weinig of geen voedsel diensten. Bij taprooms draait alles om het bier zelf. Net als brewpubs, een taproom kan verkopen to-go bier en het uitvoeren van distributies off-site.
regionale Brouwerij
een regionale brouwerij past in een van de bredere categorieën. Volgens de Brewers Association produceert een regionale brouwerij jaarlijks 15.000 tot 6.000.000 vaten bier.
Wat Is een onafhankelijke Brouwerij?,
de meest basale identificatie om te weten of brouwerijen onafhankelijk zijn of niet. In een onafhankelijke brouwerij is minder dan 25% van het bedrijf gecontroleerd of eigendom van een lid van de alcoholindustrie dat niet in aanmerking komt als ambachtelijke brouwer. Er zijn een paar veranderingen in de benchmark van wat kleine brouwerijen versus grote brouwerijen definieert, waardoor de definitie van wat het betekent om onafhankelijk te zijn veranderd is. In 2010 veranderde de Brewers Association de definitie van “klein” van maximaal 2 miljoen vaten naar 6 miljoen vaten.,
de Brewers Association besloot in 2017 opnieuw de boel op stelten te zetten door de onafhankelijke Brewer Seal te creëren om de brouwerijen te identificeren die aan de definitie van craft brewer voldoen. Onderdeel van deze definitie is dat de brouwerij onafhankelijk is, waardoor dit een cruciale factor is in de vraag of een brouwerij zichzelf al dan niet “ambacht” mag noemen. Vanaf 2019 gebruiken meer dan 4.000 ambachtelijke brouwers het zegel om zich te onderscheiden en hun kwaliteit te benadrukken. Deze groep vertegenwoordigt meer dan 85% van het volume ambachtelijk bier dat in de Verenigde Staten wordt geproduceerd., Het zegel is een manier waarop Brouwers terugslaan bij de Anheuser-Busch company, die sinds 2011 10 onafhankelijke brouwerijen heeft opgekocht. (https://avenir-condominium.com/nl/wat-is-het-verschil-tussen-een-ambachtelijke-brouwerij-microbrouwerij-brewpub-gastropub/)

Sinds 1980 is speciaal bier in opkomst in Nederland. Speciaal bier is er in vele soorten en smaken. Het leuke aan speciaal bier is de unieke smaak en de excentrieke en naam. Hoewel Nederlandse brouwerijen erg hun best doen om heerlijke bieren te brouwen staat België op dit moment als favoriet. Wijnengeschenken heeft een assortiment weten samen te stellen van unieke speciaal bieren die door microbrouwerijen gebrouwen worden. Maar wat is nu het verschil tussen pils en speciaal bier? Bij het woord pils verstaan we standaard en normale bieren. Speciaal bier daarin tegen wordt gezien als bier met een uniek smaakje.
De bieren die door Wijnengeschenken worden aangeboden zijn in verschillende categorieën in te delen: blond, tripel, dubbel, donker, witbier, honingbier, gemberbier en nog vele andere. De speciaal bieren zijn los, in pakket en cadeau verband te bestellen. De biercadeaus zijn perfect om een echte speciaal bier liefhebber te verrassen. De cadeaus bevatten een speciaal bier fles van 0,75cl omringt met een mooi houten kistje. Wilt u het liever voor uzelf houden dat snappen wij natuurlijk helemaal! Er zijn verschillende pakketten met verschillende bieren samengesteld, zodat u een eigen proeverij kunt houden. Heeft u al een favoriet en wilt u deze nou inslaan dan is dat ook mogelijk. De bieren zijn in grotere oplage te koop, zodat u nooit zonder uw favoriete bier zit. .... Blond wordt gezien als een speciaal bier dat voor veel mensen toegankelijk is. Door de frisse smaak en weinig hop zijn dit echte dorstlessers. De naam blond komt voornamelijk door de lichte gele kleur van het bier. Officieel komt blond bier uit België. In België is blond namelijk voor de eerste keer gebrouwen. Er zijn verschillende soorten blond bier: IPA, Tripel en Saison.
Een blonde IPA wil zeggen dat dit bier een hoge bitterheid heeft en dus ook meer hop. Een IPA hoeft niet altijd blond te zijn, amberkleurige IPA bieren bestaan er namelijk ook. Echter komt in Nederland en België voornamelijk blonde IPA’s voor. .... Hoe ontstaat dubbel bier? Tijdens het brouwen van dit bier wordt er meer graan toegevoegd. Door meer graan toe te voegen krijgt het bier meer suikers, wat weer resulteert in een hoger alcoholpercentage. De Brouwerij die het eerste met een dubbel bier op de markt kwam was Westmalle. Tussen zijn trappisten bieren is in 1856 het eerste trappisten dubbel bier op de markt gekomen.
Een dubbel bier is te herkennen aan de kleur van het bier. Een dubbel bier zit tussen een donker blonde en donker bruine kleur. Daarnaast is een dubbel bier vaak zoeter van smaak, minder bitter en smaken die overeenkomen met karamel en koffie. ... Tegenwoordig zijn er vele soorten Tripel bieren. Maar wat is een Tripel eigenlijk? Tripel bier is een zwaar speciaalbier. Tripel bier heeft een hoog alcoholpercentage. Het percentage ligt meestal tussen de 7 tot 10%. Het hoge alcoholpercentage komt door het hoge suikergehalte, niet van de hoeveelheid graan. ... IPA is de afkorting van India Pale Ale. De betekenis van deze naam is afkomstig uit de dagen van het Engels kolonialisme. Toen werd het bier namelijk naar India gebracht. De naam IPA word dan ook vaak verkeerd geschreven. Omdat veel mensen denken dat het bier uit India komt schrijven ze Indian Pale Ale.
Oorspronkelijk komt IPA uit de 17e eeuw. De Britse soldaten, die in India de orde bewaarden verlangde, volgens de oude verhalen, naar hun favoriete bieren van thuis. In die tijd was het ook zo dat iedere soldaat nog recht had op een biertje per dag. De reis over zee duurde vier maanden en helaas overleefde dit bier dat niet.
George Hodgson een Britse bierbrouwer kwam op het idee om meer hop en alcohol aan het bier toe te voegen. Hierdoor bleef het bier langer houdbaar. Hop en alcohol werken namelijk als een natuurlijke conserveringsmiddel. Tot heden is het een van de meest gedronken speciaal bieren. Van Engeland tot Ierland en van de Verenigde staten tot Australië iedereen erkent de populariteit van IPA (https://www.wijnengeschenken.nl/bier) 

Wie weleens een regionaal bierfestival bezoekt, zal merken dat de bieren tegenwoordig nogal hoppig zijn. In de meeste gevallen India Pale Ale, kortweg IPA. Hoewel de naam anders doet vermoeden, wordt IPA beschouwd als hét vlaggenschip van de Amerikaanse speciaalbier- of craft beerrevolutie. Oorspronkelijk was het een Brits koloniaal bier, dat dankzij de extra hop langer goed bleef op de lange reis van Engeland naar India. Rond 1980 werd opnieuw in deze stijl gebrouwen aan de westkust van de Verenigde Staten, maar nu met Cascade-hop, een Amerikaanse variëteit uit 1956. In menig Nederlands bier is het citrusaroma van de Cascade goed te proeven. (https://geografie.nl/artikel/bierrevolutie-in-nederland)

Voor inspiratie verschuift de focus van de craft-brouwers van Belgische bieren naar het westen, met name naar het Verenigd Koninkrijk en de Verenigde Staten. Hier ligt de oorsprong van de I.P.A.’s, Pale Ales, Porters en Stouts die de laatste jaren meer regel dan uitzondering zijn op de bierkaart. De sours komen er aan, zegt Ordeman: “Dat zijn de wat zuurdere bieren. Voor nu zijn dat nog dranken voor de fijnproevers. Van pils stap je nu eenmaal sneller over naar een I.P.A. of een Pale Ale, deze bieren zullen in mijn ogen dan ook groot blijven.”  (https://pointer.kro-ncrv.nl/stortvloed-in-nederlandse-pilswoestijn-de-opkomst-van-ambachtelijk-bier)

De trend voor de toekomst zijn bieren met een laag alcoholgehalte, maar vol met smaak. “Sessionability” zoals Melissa dat noemt. In Nederland is eenzelfde trend zichtbaar. Hans Glandorf merkt dat het bier van de maand van de Alliantie van Biertapperijen de laatste jaren wat lager in alcohol is. Daarbij is ook duidelijk een seizoensinvloed herkenbaar: licht in de zomer en wat zwaarder in de winter. Ook Rick Kempen van Bier&Co en Marco Philipsen van MITRA zien deze ontwikkeling zich in de komende jaren nog voortzetten. Jaap Lindeman van brouwerij Kromme Jat herkent die trend nog niet. Volgens hem blijven consumenten zwaardere bieren zoals een tripel van microbrouwerijen verwachten. (https://www.bierburo.com/opkomst-kleine-brouwerijen/)

Pils dankt zijn populariteit met name aan de uitvinding van koeltechnologie rond de jaren 1880. Deze ontwikkeling heeft er voor gezorgd dat bier aantrekkelijk helder, met constante kwaliteit en in grotere hoeveelheden gebrouwen kon worden. Pils voor de massa wordt commercieel interessant en een groot Nederlands exportproduct. Een doorslaand succes, totdat in 1980 een dieptepunt bereikt wordt: er zijn dan nog maar 17 brouwerijen over. Roel Mulder: “Door de doelbewuste overnames van de grote pilsbrouwers werd de periode rond de jaren 80 ook wel de pilswoestijn genoemd." (https://pointer.kro-ncrv.nl/stortvloed-in-nederlandse-pilswoestijn-de-opkomst-van-ambachtelijk-bier)

Jochem Kroezen, een bedrijfskundige die promotieonderzoek heeft gedaan aan de Erasmus Universiteit naar de achtergronden van de recente opleving van de Nederlandse biercultuur, laat in zijn onderzoek zien dat Nederland ooit nog veel meer brouwerijen telde dan nu. In de 19e eeuw had Nederland volgens Kroezen wel duizend verschillende bierbrouwerijen, maar in 1900 waren dat er nog maar 500. In de jaren daarna liep het aantal nog veel verder terug, naar dertien brouwers in 1980, doordat alle kleine brouwerijen werden opgekocht door grote partijen of werden weggeconcurreerd. Sindsdien is het aantal brouwers weer gaan stijgen, mede door de opkomst van het consumentenverzet in de jaren ’80. (https://www.consultancy.nl/nieuws/13033/aantal-bierbrouwerijen-in-nederland-verdubbelt-in-drie-jaar)

The notion of consumer resistance can also be related to the concept of anti-mass production cultural sentiment as described by Carroll et al. (2001) and discussed above. The negative sentiment toward mass producers can be a trigger of resistance activities as evident in our example above. However, whereas anti-mass production cultural sentiment could be used to describe a more general sentiment in society that does not necessarily have to lead to any entrepreneurial action, consumer resistance relates to specific within-industry dynamics that do produce entrepreneurial activities. (https://www.wur.nl/upload_mm/c/b/b/5c6a2aa6-8e3d-4930-acae-88230ee29d66_20160426_Dutch_Micro_Breweries_paper_final_no_codes%20%284%29.pdf)

In het standaardwerk A History of Brewing in Holland, 900-1900 van Richard Unger vinden we eindeloze - godlof mooi toegelichte - tabellen met aantallen brouwerijen waaruit blijkt dat een stabiele groei optreedt als de toenmalige Nederlanden bedrijfsmatig begint te produceren, waarna een explosie in de middeleeuwen volgt en een dramatische neergang in de 17e en 18e eeuw. Het aantal brouwerijen in Nederland schommelde ook sterk in de 19e en 20e eeuw: in 1819 telde ons land er 678, in 1858 slechts 466. In 1890 zijn het er weer 543, en in 1919 nog maar 359. Die plotse toename wordt vooral verklaard door de uitvinding van de mechanische koeling, die het mogelijk maakte op grotere schaal ondergistend bier te brouwen. Zo vormen brouwerijen zich om tot pilsbrouwer; tegelijkertijd openen nieuwe brouwerijen hun deur die zich van quite af aan op pilsproductie richten. Dat ging overigens niet zonder vallen en opstaan: een van de allereerste Nederlandse brouwerijen (1864) die speciaal werd gebouwd voor het brouwen van pilsener bier, de Koninklijke Nederlandsche Beiersch Bierbrouwerij uit Amsterdam, dolf na 63 jaar alweer het onderspit: de boedel werd verdeeld tussen Amstel, Heineken en Oranjeboom. Van deze is alleen Heineken nu nog over, als zelfstandige brouwerij. Als het Centraal Brouwerij Kantoor, de branchevereniging voor brouwend Nederland, in 1939 wordt opgericht zijn alle 99 Nederlandse brouwerijen lid. In twintig jaar tijd moesten dus 260 brouwers de poort sluiten; bijna zeshonderd in een ruime eeuw. Hier toont zich de opkomst van het grootschalig brouwen van ondergistend bier. De consument stapte er zo massaal op over dat honderden brouwerijen en evenzovele verschillende bieren van de aardbodem werden weggevaagd. Gedurende de twintigste eeuw zet deze ontwikkeling zich voort: in 1980 heeft Nederland 17 actieve brouwerijen die zich vooral met het brouwen van pils bezighouden. ... De discussie over wat nu een brouwerij precies is parkeer ik even: kijken we naar de definities zoals de Stichting Erfgoed Nederlandse Biercultuur die hanteert, dan onderscheiden we (productie)brouwerijen met eigen ketels, gericht op verkoop van bier onder eigen merknaam; brouwerijhuurders die zich richten op verkoop van bier onder eigen merknaam maar zonder eigen ketels te hebben; en brouwerijverhuurders die wel eigen ketels hebben maar zich richten op verkoop van bier aan brouwerijhuurders. Gemakshalve gooi ik ze allen op een hoop die ik ‘bierproducerende bedrijven’ noem: op die hoop vinden we interessante cijfers die onomstotelijk bewijzen dat het nog nooit zo gemakkelijk is geweest een ‘bierbedrijf’ te starten, ofwel dat er steeds minder ‘belemmeringen’ zijn. Zo telt Nederland momenteel acht brouwerijverhuurders, terwijl de eerste pas in 2012 de ketels opende. Het aantal brouwerijhuurders is op dit moment, en volgens de telling van de Stichting, voor het eerst groter dan het aantal (productie)brouwerijen: 344 tegen 320. Tien jaar geleden was die verhouding 81 productiebrouwerijen tegen 28 brouwerijhuurders.(https://www.nederlandsebiercultuur.nl/blog/105-wild-groei-van-brouwerijen)

Op https://www.nederlandsebiercultuur.nl/blog/105-wild-groei-van-brouwerijen en Figure 1: Number of breweries in the Netherlands: 1819-2015 van https://www.wur.nl/upload_mm/c/b/b/5c6a2aa6-8e3d-4930-acae-88230ee29d66_20160426_Dutch_Micro_Breweries_paper_final_no_codes%20%284%29.pdf zie je vanaf 1980 een gestage groei. 

28 mei 2016 Zo’n 35 jaar geleden telde Nederland nog maar acht bierbrouwerijen, terwijl dat er in 1820 liefst duizend waren. Inmiddels leken de pilsrecepten van bekende ‘grote jongens’ als Heineken en Grolsch zó op elkaar, dat zelfs connaisseurs ze bij een blinde test niet meer uit elkaar konden halen. Maar de afgelopen drie decennia veranderde Nederland weer van een desolate pils-woestijn in een speciaalbier-oase, met 390 brouwers. (https://www.wur.nl/nl/nieuws/Opkomst-micro-bierbrouwerijen-in-Nederland-.htm)

In 1980, the Dutch beer brewing industry could be described as a ‘Pilsner desert’. At that time there were only a handful of independent beer producers and their designated products were so homogenous that even connoisseurs and professional tasters could not distinguish between them in blind taste tests (Jansen, 1987). Today, the picture is strikingly different. The number of beer breweries has skyrocketed and continues to increase exponentially. The variety of available beers produced in the Netherlands approximates the variety in both historic and current beer styles that have ever been available worldwide. Due to the emergence of an eclectic set of fundamentally different types of breweries, often referred to as specialty or microbreweries, the Dutch beer brewing industry has transformed from being one of the most stagnant industries to being one of the most innovative industries in the Netherlands. This phenomenon of renewal does not uniquely apply to the Dutch beer brewing industry. The U.S beer brewing industry went through a similar process in the 1990s (Carroll and Swaminathan, 2000) and a similar rise in microbreweries is simultaneous taking place in many other European countries (https://www.wur.nl/upload_mm/c/b/b/5c6a2aa6-8e3d-4930-acae-88230ee29d66_20160426_Dutch_Micro_Breweries_paper_final_no_codes%20%284%29.pdf)

The 1450-1650 period can be described as ‘the Golden Age’ of Dutch beer brewing (Unger, 2001), as exemplified by the rise of large clusters of beer breweries in several Dutch towns—most commonly in densely populated Western locales like Haarlem, Gouda, Delft, and Amersfoort, but also in more remote towns like Groningen and Nijmegen. Many of these clusters soon established a national and occasionally even international presence in the Western European beer trade (Unger, 2001). Historical sources report that some towns had over 100 breweries, with more than 50 percent of their production intended for export (Dekken, 2010; Lintsen et al., 1992; Unger, 2001). Towns with significant historical beer brewing activity typically had their own unique beer styles. For example, Gouda was known for its koyt beer that was brewed with a mixture of bitter herbs instead of hops, while Groningen was known for its kluin beer, a heady brew high in alcohol (Karst, 1980). However, an important innovation that contributed to the prosperity of the Dutch beer brewing industry was the adoption of hops as an important ingredient. Hops provided increased durability— and thus transportability—of beer and their use was popularized by German beer breweries (in particular those based in Hamburg). German hopped beer reached the Netherlands during the Late Middle Ages (1350-1450) through the trade network of northern European cities known as the Hanseatic League (Alberts, 1969; Van Uytven, 2007). (https://www.wur.nl/upload_mm/c/b/b/5c6a2aa6-8e3d-4930-acae-88230ee29d66_20160426_Dutch_Micro_Breweries_paper_final_no_codes%20%284%29.pdf)

This period of prosperity was followed by one of substantial decline. Historians have ascribed the
decline to a variety of factors including (a) a loss of foreign export markets due to the development of
brewing industries in other countries, such as England, (b) increased (price) competition from wine,
distilled beverages and ‘colonial’ drinks (coffee, tea, and cocoa), (c) increased grain prices and (d)
rising taxes (Unger, 2001). The declining market for Dutch beer led to a reduction in overall beer
production and a substantial number of breweries in the Netherlands went out of business. Towns like
Haarlem, Gouda, and Delft lost their leading roles in the beer trade, and the focus of the industry
shifted to larger port cities like Amsterdam and Rotterdam, where large-scale breweries were able to
survive due to thriving shipping industries and more populous local markets (Unger, 2001). An
important client for beer breweries in these two towns was The Dutch East India Company (VOC),
which had ‘chambers’ in both cities. (https://www.wur.nl/upload_mm/c/b/b/5c6a2aa6-8e3d-4930-acae-88230ee29d66_20160426_Dutch_Micro_Breweries_paper_final_no_codes%20%284%29.pdf)

Technological innovations during the Industrial Revolution (1760-1840) set the stage for the first revival of Dutch beer brewing (Lintsen et al., 1992; Unger, 2001; Poelmans et al., 2011). Several scientific breakthroughs—such as the steam engine, mechanical refrigeration and electricity, combined with scientific discoveries related to food chemistry—allowed for increased control over the brewing process and provided opportunities for production and distribution on a larger scale. This process went hand in hand with the diffusion of pilsner beer across Europe. Pilsner is a lager, a beer style brewed with yeast that ferments at low temperatures, the production of which requires electrical refrigeration. Ale, in contrast, is brewed with yeast that ferments at ambient temperatures. A shift from ale to lager thus required significant investments in refrigerated fermentation tanks. (https://www.wur.nl/upload_mm/c/b/b/5c6a2aa6-8e3d-4930-acae-88230ee29d66_20160426_Dutch_Micro_Breweries_paper_final_no_codes%20%284%29.pdf)

While Dutch brewers were initially slow in adopting these innovations, toward the end of the 19th century and in the beginning of the 20th century many new breweries were founded that made use of these more advanced technologies (Unger, 2001). Amsterdam was the centre of this transition, where three breweries (Koninklijke Nederlandsche Beiersche Bierbrouwerij, Heineken’s Bierbrouwerij Maatschappij, and Beiersch Bierbrouwerij De Amstel) started producing pilsner between 1860 and 1870. A decade later, breweries in other towns such as Amersfoort (Phoenix Brouwerij) and Rotterdam (Brouwerij d’Oranjeboom) followed suit. This modernization process was driven by wealthy investors who entered the field during the last decade of the 19th century by acquiring existing breweries or starting new breweries while investing heavily in modern equipment (Unger, 2001). Some of these investors were owners of German breweries who saw the Netherlands as a potential market for the then increasingly popular beer-style – Bavarian Pilsner – such as in the case of Brouwerij De Leeuw in Valkenburg (Philips, 1999). In the 20th century, the Dutch beer sector experienced an unprecedented degree of concentration. In conjunction with the economic outfall related to the two World Wars, tougher competition and expansionist practices of industrial breweries led to a substantial shakeout of local and family-owned breweries as predicted by the industry life cycle model. Breweries such as Heineken, Amstel, Oranjeboom and De Drie Hoefijzers rapidly expanded their capacity by means of the establishment of new brewing locations and the takeover of smaller competitors, in part facilitated by a growing export market. The number of independent producers quickly reduced from about 500 in 1900 (Simons, 1992; Unger, 2001) to about 100 in 1940 (Simons, 1992), and finally, to 13 independent producers in 1981 (see Figure 1). These breweries included all the large breweries that still dominate the Dutch pilsner market such as Heineken, Grolsch (now Asahi Group Holdings), Bavaria and Dommelsch (now AB-Inbev). The concentration wave went hand in hand with significant homogenization— characterized by the fact that by 1980 brewers almost exclusively produced pilsner beer. (https://www.wur.nl/upload_mm/c/b/b/5c6a2aa6-8e3d-4930-acae-88230ee29d66_20160426_Dutch_Micro_Breweries_paper_final_no_codes%20%284%29.pdf)

While the concentration wave was still in full swing during the late 1960s and early 1970s, four
specialty beer pubs were established that took on a pioneering role in creating a market for alternatives
to pilsner. These were: De Beyerd in Breda, Jan Primus in Utrecht, Gollem in Amsterdam and ‘t
Pumpke in Nijmegen.3
In contrast to existing pubs, these beer pubs began to offer foreign ales,
predominantly from Belgian origin, as an alternative to Dutch pilsner. The preference for Belgian ales,
as compared to alternative beers from other ‘neighbouring’ countries such as Germany and the U.K.,
can be explained by the relatively short geographical distance, shared language, and wide variety of
ales. The pubs had in common that they all emerged in student towns and that they appeared to appeal
to the younger population.  .... At the end of the 1970s, on the coattails of the growing attention for foreign ales that was fuelled by
the alternative beer pubs, a small group of beer enthusiasts emerged that was dissatisfied by the state
of the Dutch beer culture and started to advocate for change among Dutch beer producers. This led to
the establishment of the Dutch beer consumer organisation PINT. This association had as its main aim
“to make beer culture important again in the Netherlands” and encouraged breweries to produce,
what they called, ‘traditional beers’ (PINT Nieuws 1, November 1980, pg. 12). ... A very important source of motivation and inspiration for PINT was the British beer consumer
association CAMRA. CAMRA was founded about a decade before PINT and had achieved substantial
success in mobilizing individuals to join their ‘campaign’ for the revitalization of ale beer, which had
contributed to the re-emergence of ale beer production and consumption in the U.K. In 1980, a small
group of Dutch beer enthusiasts who regularly visited England wrote a letter to all Dutch members of
CAMRA in which they called attention to the ‘poor state’ of the Dutch beer culture and asked to join
them in taking action. This led to the formation of an initial group of 20 individuals, who laid the
foundation of what later became PINT (https://www.wur.nl/upload_mm/c/b/b/5c6a2aa6-8e3d-4930-acae-88230ee29d66_20160426_Dutch_Micro_Breweries_paper_final_no_codes%20%284%29.pdf)

PINT’s activities seemingly started to have a serious impact with the establishment of the first new
brewery on Dutch soil since World War II in 1981, De Arcense Stoombierbrouwerij in Arcen. The
founders of the brewery were former employees of the British brewing conglomerate Allied Breweries
who saw an opportunity when their employer decided to close one of its production facilities in the
Netherlands. Following the increased attention generated by the pioneering brewpubs and PINT, they
decided to set-up a new brewery at the former location of Allied Breweries that focused exclusively on
traditional top-fermenting beer. PINT played an important role in the founding process by bringing
several parties together that could help make the brewery viable. For instance, through their extensive
network PINT was able to establish a relationship between the new brewery and suitable distributors.
PINT also paid extensive attention to the founding of De Arcense Stoombierbourwerij in their
magazine.
The subsequent five years saw the establishment of another nine new microbreweries that focused
exclusively on the production of traditional beer styles. These were predominantly traditional Belgian
ales, such as witbier, dubbel, and tripel. The most successful of these new breweries were Brouwerij
Raaf in Heumen, De Friese Brouwerij in Bolsward, ‘t IJ in Amsterdam and Christoffel Brouwerij in
Roermond. Similar to De Arcense Stoombierbrouwerij, many of the founders of the these new
breweries had ties with incumbent breweries. Herm Hegger, the founder of Brouwerij Raaf had
worked in the same brewery as the founders of De Arcense Stoombierbrouwerij and Aart van der
Linde (Friese) had worked in Bierbrouwerij De Leeuw in Valkenburg and in the new Arcense
Stoombierbrouwerij before opening his own brewery. Leo Brand, the founder of Christoffel Brouwerij
was a member of the famous Brand brewing family which owned a successful brewery in the South of
Limburg. Breweries that were established by individuals without any prior brewing experience did not
fare well during this time period. De Alkmaarse Brouwerij in Alkmaar and Brouwerij De Noorderzon
in Groningen had struggled with infections and inconsistent quality, which led to their demise within
three years after opening. Brouwerij ‘t IJ in Amsterdam is the only exception of a brewery with an
inexperienced founder that was able to survive.  (https://www.wur.nl/upload_mm/c/b/b/5c6a2aa6-8e3d-4930-acae-88230ee29d66_20160426_Dutch_Micro_Breweries_paper_final_no_codes%20%284%29.pdf)

Het aantal bierbrouwerijen in Nederland is in tien jaar ruim verviervoudigd, van 90 in 2007 tot 370 in 2017. Het zijn vooral eenmansbedrijven die erbij zijn gekomen. De grootste groei vond plaats in Amsterdam. Waar bierbrouwen in het verleden vooral een Brabantse en Limburgse aangelegenheid was, zie we nu de meeste meer brouwerijen in Noord-Holland. (https://www.customertalk.nl/nieuws/kleinschalige-nederlandse-bierbrouwerijen-sterk-in-opkomst/)

Through their activities, PINT contributed not only to the emergence and proliferation of a community of enthusiastic consumers of alternative beer, they also fostered a growing community of hobby brewers. Although officially home brewing was illegal by Dutch law up until as late as 1992, the practice regained legitimacy as evident by the fact that it was largely tolerated throughout the 1980s and the eventual abolishment in the early 1990s. Starting with the establishment of hobby brewers’ guild De Roerstok in Tilburg in 1984, a number of guilds emerged throughout the country that encourage hobby brewing and facilitated knowledge sharing. Although it is likely that at least some of these guilds would have emerged without the activities of PINT, they did actively encourage the growth and professionalization of this community  .... A major factor that contributed to the increased ‘production’ of potential brewery entrepreneurs was the growing number of hobby brewing associations in the Netherlands that developed in conjunction with PINT. The budding hobby brewing scene allowed individuals to experiment with brewing and share knowledge about the brewing process. Brewing beer at home was strictly forbidden by law in the Netherlands up until as late as 1992. However, PINT was able to get the Ministry of Finance to confirm in 1983 that although “The brewing of beer outside of an approved brewery was illegal, the government would seek no prosecution in such cases where the beer is exclusively consumed in the family circle.” Subsequently, the first official Dutch hobby brewers association, De Roerstok in Tilburg, was established in 1984. This was followed by others, such as De Deltabrouwers in 1987 and ‘t Wort Wat in 1991. These hobby association would not only encourage the practice of home brewing and facilitate knowledge sharing but also organize competitions. A significant number of brewery founders that we interviewed reportedly learned the tricks of the trade through participation in these hobby brewing associations before “going professional”.(https://www.wur.nl/upload_mm/c/b/b/5c6a2aa6-8e3d-4930-acae-88230ee29d66_20160426_Dutch_Micro_Breweries_paper_final_no_codes%20%284%29.pdf)

De populariteit van IPA in Nederland doet vermoeden dat de groei van het aantal kleine brouwerijen een Amerikaanse rage is, maar zo simpel ligt het niet. In Nederland werd al vanaf 1985 op kleine schaal speciaalbier gebrouwen, vooral bieren naar Belgisch voorbeeld. De Natte en de Zatte van Brouwerij ’t IJ (sinds 1985) in Amsterdam zijn daarvan goede voor beelden. Zij gaven daarmee gehoor aan de groeiende onvrede onder consumenten over het eenzijdige aanbod, dat destijds voornamelijk bestond uit pilseners. Het consumentenverzet werd geleid door Promotie Informatie Traditioneel Bier (PINT), dat in 1980 werd opgericht naar het voorbeeld van de Campaign for Real Ale (CAMRA) in GrootBrittannië. De oorsprong van de Nederlandse brouwrevolutie ligt in zekere zin dus in Groot-Brittannië, met de Belgische biercultuur als voorbeeld. Ook de eerste Amerikaanse microbrouwers zijn sterk beïnvloed door de opvattingen van CAMRA. Dus als de huidige populariteit van speciaalbier in Nederland een Amerikaanse uitvinding is, is het op z’n best een Amerikaanse toeeigening van een Brits idee dat in Nederland al eerder was geland.  (https://geografie.nl/artikel/bierrevolutie-in-nederland)

While the first generations of Dutch brewery entrepreneurs in the 1980s and 1990s struggled to solve technical challenges, more recent generations of brewery entrepreneurs had a considerably easier time in solving these challenges. Experts and founders indicate that information on the brewing process and the availability of equipment are much less of a constraint in the most recent period of microbrewery growth. Mastering the brewing process and experimenting with different recipes has become much easier due to the availability of numerous information sources on the internet and the emergence of fora and networks of home-brewers that exchange experience. Similarly, the increasing popularity of home brewing as well as the increase in microbreweries has led to the entry of specialised suppliers of (home)brew equipment and engineering companies that can assist with the design and construction of a new brewery. An example is Brouwtechniek Nederland, which has supported the design and expansion of a number of microbreweries such as ‘t IJ in Amsterdam, Maximus in Leidsche Rijn and Graaf van Heumen in Heumen. Finally, another source of information for new brewers is the small brewery initiative (KBC). Several brewers indicated the usefulness of the hygiene guidelines for microbreweries that was drafted by KBC..... The first microbreweries in the 1980s started with very limited resources and as such had to be creative in constructing their breweries as outlined above. Small breweries of the first cohort, such as De Noorderbierbrouwerij in Alkmaar and De Noorderzon in Groningen struggled to finance their modest start-up costs of around 100,000 Dutch Guilders at the time. For example, Colin Brown, of De Noorderbierbrouwerij was required to seek support from a governmental institutions for small and medium sized business (CIMK) before a loan would be approved. He said about this: “We received the advice from CIMK to produce beer that was tailored to the Dutch taste. And yes, that meant we also had to produce Pilsner. However, that is impossible, I told them: then we may as well shut everything down. I would never be able to compete with big brewers like Grolsch.” In the more recent period, new ways of funding and in particular crowd funding, have reduced the entry barriers for starting up a microbrewery. A large number of breweries, such as for example Oedipus in Amsterdam and Oersoep in Nijmegen, have used crowd funding to finance the construction or expansion of the brewery. Also due to the popularity of local beers, microbreweries are regarded as an interesting investment by private funders and financial institutions. Several founders indicated that banks are now familiar with the concept and therefore willing to provide start-up capital. (https://www.wur.nl/upload_mm/c/b/b/5c6a2aa6-8e3d-4930-acae-88230ee29d66_20160426_Dutch_Micro_Breweries_paper_final_no_codes%20%284%29.pdf)

Sommigen zoeken de verklaring voor de speciaalbierrevolutie in Nederland zelf. Organisatiesocioloog Jochem Kroezen kenschetst in zijn proefschrift de opkomst van microbrouwerijen als een revival van de Nederlandse biernijverheid. De nieuwkomers bouwen volgens hem voort op plaatselijke brouwtradities. Kroezen wijst erop dat nieuwe brouwerijen zich meer dan eens vestigen in gemeenten met een ‘belangrijk brouwverleden’. Hij hanteert daarvoor wel erg soepele criteria, namelijk als er sprake is van substantiële brouwactiviteit in een van de volgende tijdvakken: voor 1650, 1650-1900 of na 1900. Historische continuïteit is geen vereiste. Terwijl regionale concentraties nogal eens verschuiven door de tijd heen. In de 16e eeuw bijvoorbeeld concentreerde de brouwnijverheid zich in de Hollandse steden. In 1900 waren de meeste brouwerijen te vinden in de plattelandsgemeenten van Zuid-Nederland. Op die manier hebben wel erg veel gemeenten een belangrijk brouwverleden en wordt het voor nieuwe brouwers bijna een opgave niet voor zo’n gemeente te kiezen. Kroezen hecht bovendien te veel gewicht aan het vroege brouwverleden. Het is veel aannemelijker dat brouwers teruggrijpen naar een tijd die verser in het collectieve geheugen ligt, zoals het begin van de 20e eeuw. De industriële brouwers hadden nog geen hegemonie gevestigd en er waren volop lokale brouwers die de bovengistende methode hanteerden. Maar ook voor deze revival is het bewijs niet overtuigend. Als we de brouwerijkaart van 1900 vergelijken met die van nu, springen vooral de verschillen in het oog. Op sommige plekken zijn de brouwerijen ‘teruggekeerd’, maar op heel veel plekken ook niet. Zo trekt de speciaalbierrevolutie grotendeels voorbij aan Limburg, dat in 1900 nog de meeste brouwerijen van Nederland telde (per hoofd van de provinciebevolking). Historische spreidingspatronen zeggen niet alles. Als de opkomst van microbrouwerijen een revival is, moet er ook sprake zijn van een revivalcultuur. Die cultuur bestaat zeker, maar dominant is zij niet. (https://geografie.nl/artikel/bierrevolutie-in-nederland)

For the first generations of brewery entrepreneurs in the Netherlands, there was hardly any publically available information on the brewing process and the operation of a (micro) brewery, let alone a network of equipment suppliers and specialised engineers that could support the foundation of a brewery. Founders often resorted to a process of tinkering to set up their breweries, using second-hand equipment from disbanded or renovated breweries in Belgium and Germany or from dairy and soda producers in the Netherlands. Examples of this are breweries Raaf and ‘t IJ, which were founded in 1984 and 1985 respectively, but also brewery De Molen and Butchers Tears, which were established after 2003 and are part of what we see as the second wave of microbreweries..... Our archival data on all microbreweries that were established between 1981-2012 reveals that at least 35% made use of some form of detritus. However, the use of detritus became less prevalent over time. Whereas at least 46% of microbreweries established before 1994 made us of some form of organizational detritus this applied to only about 30% of breweries established after 1994. This suggests that as the microbrewery sector grew it became easier to amass technical and symbolic organizational resources without making use of remnants from ancestral organizations.  (https://www.wur.nl/upload_mm/c/b/b/5c6a2aa6-8e3d-4930-acae-88230ee29d66_20160426_Dutch_Micro_Breweries_paper_final_no_codes%20%284%29.pdf)

 directeur van Haarlemse brouwerij Jopen en bestuurslid van de Week van het Nederlandse Bier is Michel Ordeman. Waar de eerste revolutie na de pilswoestijn de import van Belgische speciaalbieren typeerde, is volgens hem inmiddels de tweede bierrevolutie in volle gang: craft bier. ... ‘Craft’ betekent ambacht en staat dus voor ambachtelijke bieren, wat per definitie begint bij onafhankelijke kleinere brouwers. Het staat voor een nieuwe cultuur en een protest tegen de grote neutrale pilsmerken die rond de jaren ‘80 de scepter zwaaiden en voor bier met eenzijdige smaak zorgden. Tegelijkertijd is die overvloed en eenzijdigheid van pils een bron geweest voor de veelzijdige biercultuur die Nederland nu rijk is. Nadat mensen kennis maakten met de Belgische bieren in de jaren ‘90 krijgt bier als drank weer een kans bij een nieuwe generatie. Ordeman zegt hierover: “Als je kijkt naar de laatste tien jaar merk je dat mensen steeds meer zijn gaan reizen en daardoor in aanraking komen met andere bierstijlen. Mensen ontdekken dat bier niet per definitie een neutraal smakend product hoeft te zijn, maar dat het dus ook mogelijk is om daar meer smaak en geurbeleving in te brengen.” ... Een goede gezondheid is de laatste jaren ook een veel groter thema geworden. En als je bijvoorbeeld minder drinkt, pak je sneller iets van kwaliteit. Kleinschalige ambacht geniet meer interesse”, aldus Ammerlaan. Bier krijgt dus door de herwaardering van het ambacht meer status en wordt net als wijn een ‘genotsproduct’. De gouden koorts met witte kraag duurt nu al een tijdje voort. Steeds meer hobbybrouwers creëren hun brouwsels in de keuken of garage. De volgende stap is met eigen receptuur op een brouwerij af te stappen en een ketel te huren.(https://pointer.kro-ncrv.nl/stortvloed-in-nederlandse-pilswoestijn-de-opkomst-van-ambachtelijk-bier)


Volgens Ordeman zijn deze huurders vaak onder te verdelen in twee typen:

📑 Het marketing type dat met een goed recept en concept een slim idee op de markt zetten

💪 Brouwers die het een en ander al gebrouwen hebben en opschalen door een ketel bij een brouwerij te huren voor zij zelf de grote investering doen in een eigen pand en ketels. (https://pointer.kro-ncrv.nl/stortvloed-in-nederlandse-pilswoestijn-de-opkomst-van-ambachtelijk-bier)


Verderop in zijn proefschrift onderscheidt Kroezen een aantal typen microbrouwers, waarvan de ‘historicus’ er slechts één is. De historicus is een traditionalist, die verloren brouwtradities wil doen herleven. De ‘biersommelier’ wil vooral nieuwe unieke bieren brouwen, de ‘voedseltechnicus’ streeft naar kwaliteit door beheersing van het brouwproces, en de ‘koopman’ handelt vooral uit winstbejag.  (https://geografie.nl/artikel/bierrevolutie-in-nederland)

Ook geografen hebben de opkomst van speciaalbier onder de loep genomen, met name in de Verenigde Staten. Een populaire verklaring voor de Amerikaanse craft beerbeweging is het neolokalisme, een term die in 1997 is gelanceerd door Wes Flack. Volgens Flack spelen de Amerikaanse microbrouwerijen in op een toenemende behoefte aan lokale eigenheid of sense of place, in reactie op de sterker wordende invloeden van buitenaf, bijvoorbeeld door globalisering. Flack spreekt zelfs van een tegencultuur. Ook veel Nederlandse microbrouwers benadrukken de lokale identiteit van hun waar. In Nederland verwijst ongeveer 35 procent van de brouwerijnamen naar de streek, plaats of plek waar de brouwerij is gevestigd. Enkele voorbeelden zijn de Twentse Bierbrouwerij, Stadsbierbrouwerij Apeldoorn, Brouwerij D’n Drul (een wijk in Groesbeek), Dorpsbrouwerij De Maar (een straat in Jabeek) en Oudaen Stoombierbrouwerij (een historisch gebouw in Utrecht). Daarnaast ontleent ongeveer 15 procent een naam aan de plaatselijke geschiedenis. Zo is Jopen Bier vernoemd naar de 14e -eeuwse term voor Haarlemse biervaten en draagt Brouwerij Emelisse de naam van een verdronken dorp op Noord-Beveland. Het neolokalisme is dus een factor van betekenis. Maar er zijn regionale verschillen. Brouwers in het noorden en oosten van het land verwijzen relatief meer naar de plaatselijke topografie en geschiedenis dan die in het westen. ... In Amsterdam en de Brabantse stedenrij (Breda, Den Bosch, Eindhoven, Tilburg) is het veel minder gebruikelijk de lokale roots te benadrukken, dan daarbuiten. De stedelijke brouwers kiezen bij voorkeur voor plaats-neutrale namen. Mogelijk wordt neolokalisme gevoed door regionalistische sentimenten. In Friesland bijvoorbeeld zijn twee brouwerijen vernoemd naar een belangrijk historisch figuur in de eigen geschiedenis: Friese Bierbrouwerij Us Heit (sinds 1985) en Grutte Pier Brouwerij (sinds 2014).... In Amsterdam zijn het vooral de oudere brouwerijen die hun lokale identiteit benadrukken. De nieuwe generatie die vanaf 2011 opkomt, cultiveert juist een kosmopolitisch imago. Deze brouwers dragen vaak hippe, plaatsneutrale namen, zoals Butcher’s Tears (sinds 2012), Oedipus Brewing (sinds 2012), Bru’d (sinds 2013), Two Chefs Brewing (sinds 2013) en Nordman Beers (sinds 2014). Het kosmopolitische zie je ook terug in de assortimenten, die vaak bestaan uit een vaste combinatie van bekende buitenlandse stijlen, zoals een Belgisch witbier, een Waalse saison, een Duitse weizen en een Amerikaanse IPA. Veel brouwers, ook de oudere, vullen dat assortiment periodiek aan met experimentele bieren, waarbij ze recepturen en technieken combineren. En sommige brouwers doen alleen dat, zoals Butcher’s Tears en Oedipus Brewing. ‘Our aim’, zeggen de brouwers van Butcher’s Tears, ‘is to enrich the beer culture rather than repeating what other brewers are already doing.’Het kosmopolitisme en eclecticisme van de Amsterdamse brouwers past bij de veranderende status van speciaalbier als consumptiegoed. Was het in de beginjaren de liefhebberij van een kleine groep connaisseurs, tegenwoordig is het nuttigen van speciaalbier meer dan bon ton. In menig Amsterdams proeflokaal tref je een hip en internationaal publiek dat zich klaarblijkelijk graag identificeert met het internationale en hybride aanbod. (https://geografie.nl/artikel/bierrevolutie-in-nederland)

Brouwerij Emelisse is een Nederlandse ambachtelijke brouwerij te Goes in de provincie Zeeland. De naam van de brouwerij verwijst naar een verdwenen dorp op Noord-Beveland. Emelisse was een van de twaalf dorpen waaruit het huidige Noord-Beveland bestond in de middeleeuwen.... Fré Buijze, een hobbybrouwer was mede initiatiefnemer achter de oprichting van deze brouwerij. Hij begon einde jaren negentig een bier te laten brouwen met de naam Emelisse Abdijbier bij de Scheldebrouwerij. In september 1998 werd de Stichting Emelisse opgericht met als doel Noord-Beveland te promoten. Een van hun doelstellingen was het brouwen van een ambachtelijk bier met lokaal geteelde brouwgerst. Aanvankelijk werd het Emelisse-bier voor de stichting gebrouwen bij Bierbrouwerij De Halve Maan te Hulst. In 2005 werd een eigen brouwerij gebouwd die op 29 oktober datzelfde jaar officieel geopend werd. Er werd nauw samengewerkt met de Scheldebrouwerij, waar de flessen gebotteld worden. Peter van den Eynden van de Scheldebrouwerij brouwde er tot mei 2007 en daarna trad Kees Bubberman in dienst als brouwmeester. De brouwinstallatie heeft twee koperen ketels met een brouwcapaciteit van 1000 liter. Daarnaast zijn er twaalf lagertanks met een capaciteit van 160 hl, in 2012 kwamen er twee extra lagertanks van 30 hl bij. Wegens het succes van de bieren werd sinds 2010 een deel van de productie uitbesteed aan De Proefbrouwerij te Hijfte in België. Eind 2016 werden de activiteiten van brouwerij Emelisse overgenomen door brouwerij Slot Oostende uit Goes. Vanaf 2017 worden de Emelisse bieren gebrouwen in Goes. In Kamperland wordt de locatie niet meer gebruikt voor de productie, echter is daar nog wel het restaurant actief onder de naam Restaurant Emelisse. (https://nl.wikipedia.org/wiki/Brouwerij_Emelisse)

Brouwerij Emelisse Brouwerijhuurder Opgericht: 2004 Hoofdtype (2004-2016) Brouwerij (2016-) Brouwerijhuurder... Eén van de initiatiefnemers achter de oprichting van de brouwerij is Fré Buijze. In de jaren negentig volgde hij een brouwcursus. Eenmaal de smaak te pakken wilde hij het groter aanpakken en begon zijn bieren te brouwen bij Brouwerij De Halve Maan in Hulst onder de naam Emelisse Abdijbier. De naam van de brouwerij is afkomstig van een verdwenen dorp op Noord-Beveland. In de middeleeuwen bestond het huidige Noord-Beveland uit ongeveer 12 dorpen. Eén van die dorpen was Emelisse, waar ook de Cisterciënzer Abdij 'Onzer Vrouwekamer' was gevestigd. Door de aanwezigheid van het klooster groeide het dorp gestaag. Door de zwakke dijken werd in 1274 besloten de abdij te verhuizen. De beruchte Allerheiligenvloed in 1532 was fataal voor het gehele eiland en betekende het einde van het kerkdorp Emelisse, destijds gelegen tussen het huidige Kats en Kortgene. De resten van het klooster zijn er nog te vinden. De Noord-Bevelandse Stichting Emelisse wilde in Kamperland een brouwerij openen. Daartoe werd een perceel grond aangekocht naast de ijsbaan aan de noordkant van het dorp. Daarop verrees een nieuw gebouw dat de sfeer van vroeger ademt. De Stichting Emelisse is opgericht in september 1998 met als doel Noord-Beveland te promoten. De stichting tracht deze doelstellingen te verwezenlijken door het produceren en verkopen van een ambachtelijk kwaliteitsbier van duurzaam geteelde Noord-Bevelandse brouwgerst. De stichting werkt volgens het principe van ketenbenadering, namelijk de hele keten van producent tot consument wordt betrokken in het kader van de voedselveiligheid. Binnen deze benadering wordt de gehele keten, van brouwgerst tot bier, geregistreerd en gecontroleerd en is de oorsprong van grondstoffen volledig traceerbaar. De stichting wordt gevormd door zes leden vanuit landbouw, horeca, detailhandel en een amateurbrouwer. Door de landbouwers die de grondstof brouwgerst op Noord-Beveland op duurzame wijze produceren bij de stichting te betrekken, evenals de verkopers die het eindproduct op de juiste wijze aan de consument aanbieden, ontstaat een grote maatschappelijke betrokkenheid bij dit product. Het bier werd aanvankelijk gemaakt van Noord-Bevelandse gerst die in het Belgische Stabroek werd gemout en vervolgens in Hulst bij Bierbrouwerij De Halve Maan werd gebrouwen. Omdat de stichting steeds meer verzoeken kreeg van liefhebbers van het Noord-Bevelandse gerstenat die de brouwerij wilde bezoeken, besloot het bestuur er zelf één te bouwen. Om dat rendabel te maken werd de brouwerij gecombineerd met een restaurant. In het grand café staan op de menu-kaart verschillende gerechten met een groot aantal ingrediënten uit de streek, zoals Zeeuwse kruidenkaas, Zeeuwse mosselen, Zeeuws lam en vanzelfsprekend de Emelisse-bieren. Het gebouw kreeg een 'ambachtelijk-industriële' uitstraling en fungeert als vertrekpunt voor een toeristische Emelisseroute langs de akkers met brouwgerst. De stichting denkt jaarlijks minimaal tienduizend bezoekers te kunnen ontvangen. De brouwerij is het hele jaar open. Met het ontwerp van het gebouw werd teruggegrepen op brouwerijen die in de periode 1870-1890, toen het brouwproces werd uitgevonden, werden gebouwd en die nu vaak als industrieel erfgoed te boek staan. De brouwketels kregen een centrale plek in de brouwerij en zijn ook vanuit het restaurant goed te zien. Aan de zuidkant van het gebouw kwam een groot terras met uitzicht op een waterpartij. De kosten van het bouwplan waren fors. Een deel werd gefinancierd uit subsidies (o.a. van Vitaal Platteland Zeeland). Het grootste gedeelte werd echter bij elkaar gebracht door de aandeelhouders van de BV Emelisse, die het bestuur vormen van de brouwerij. Om het bouwplan mogelijk te maken moest het bestemmingsplan Landelijk Gebied worden gewijzigd. In november 2004 werd de bouw aanvankelijk vertraagd daar er een bezwaar werd ingediend tegen de milieuvergunning wegens stankoverlast. Een herziene milieuvergunning, waar - naar verluidt - geen letter aan werd gewijzigd, werd maandag 15 november 2004 ter inzage gelegd. Het was oorspronkelijk de bedoeling de brouwerij begin april 2005 te openen. De streefdatum werd echter bijgesteld naar 1 juli 2005. Alles was rond: het bestemmingsplan werd gewijzigd, de provincie ging akkoord en zegde tevens subsidie toe. Ook de bouwvergunning was in bezit. In 2004 werd al wel een demonstratiedijk aangelegd die het brouwerijterrein van de ijsbaan scheidt. Er werd een coupure gemaakt en de dijk werd voor een deel met basaltblokken bekleed. Verder werden er ouderwetse vloedplanken van hardhout aangebracht om te laten zien hoe vroeger het water werd gekeerd. Op 13 januari 2005 werd de eerste paal geslagen van de nieuwe brouwerij. De bouw van de bierbrouwerij was enkele maanden vertraagd maar de initiatiefnemers hoopten de bouw eind juni 2005 te hebben afgerond, zodat de brouwerij nog net voor de gerstoogst van 2005 in bedrijf kon gaan. Vanaf juli 2005 moest er het Noord-Bevelands Abdijbier Emelisse worden gebrouwen. Op 13 mei 2005 werd er pannenbier geschonken: de bouw van de brouwerij bereikte haar hoogste punt. De 'Telersgroep brouwgerst' binnen Emelisse bestaat uit 15 akkerbouwers en zet zich in voor een gecontroleerde, milieubewuste teelt van het gewas. Vanaf 2004 wordt daarbij nauw samengewerkt met de coöperatie CZAV. De telersgroep produceert onder het EurepGAP-voedselveiligheidscertificaat. In 2005 nam brouwer Peter van den Eynden van de Scheldebrouwerij ook de roerstok bij Brouwerij Emelisse ter hand. De brouwerij maakte toentertijd gebruik van de door Duotank als nieuw gemaakte installatie van De Heeren van Beeck. De installatie heeft een brouwcapaciteit van 1.000 liter met daarnaast twaalf opslagtanks van bij elkaar 16.000 liter. ... Vanaf 1 mei 2007 trok Peter van den Eijnden, ingehuurd van De Scheldebrouwerij, zich terug als brouwmeester en trad Kees Bubberman in dienst als brouwmeester. Kees is kok van beroep, doch volleerd amateurbrouwer en lid van Amateur Bierbrouwersgilde De Delta Brouwers. In 2010 bleek het zo goed te gaan met de brouwerij dat een deel van de productie werd uitbesteed aan de Belgische Proefbrouwerij in Lochristi. ... In oktober legde John de Vries de roerstok erbij neer om als brouwer te starten bij Brouwerij De Molen in Bodegraven.... In oktober 2016 werd bekend gemaakt dat de merknaam van Emelisse bier is verkocht aan Jacoba van Beieren BV. Dit is de BV waaronder ook de Brouwerij Slot Oostende in Goes valt. Brouwerij Slot Oostende brouwt sindsdien de Emelisse-bieren voor brouwerijhuurder Emelisse. Ook zullen deze bieren nog worden geschonken in de voormalige Brouwerij Emelisse in Kamperland. (https://www.nederlandsebiercultuur.nl/databank/brouwerij?brouwerij_id=1026&b694bbcbd630a379ef4b0be74e52ecf2=1)

Kees Bubberman startte zijn professionele brouwcarrière bij Brouwerij Emelisse in het Zeeuwse Kamperland. Hij was toen al jarenlang een meer dan verdienstelijk hobbybrouwer. Opgeleid en op dat moment werkzaam als horecakok zag hij een unieke kans. Al binnen enkele jaren groeide Emelisse uit van een vooral op toeristen en bierbrouwers in de regio gerichte brouwerij tot een craft beer brewery van internationale faam. Tientallen vooral op Britse en Amerikaanse leest geschoeide en gedurfde IPA's, zware porters, coffee stouts, winterbieren en saisons verlieten de brouwerij. Toch besloot Kees Bubberman na een aantal jaren dat het tijd werd om op eigen benen te staan. Een aantal grote en kleine investeerders uit binnen- en buitenland bleek bereid hem te helpen zijn droom te verwezenlijken en begin 2015 opende hij in thuisstad Middelburg Brouwerij Kees. (https://www.nederlandsebiercultuur.nl/databank/brouwerij?brouwerij_id=1276&task=display&controller=brewery&view=brewery&option=com_senb&8e25adcefec84192c0e7ef98119f3b7f=1)

Dus Emelisse is inderdaad neolokaal, en kosmopolitaan en was dan wel niet helemaal aan de voorkant van de revival, ze zaten zeker niet in de mainstreampiek. En vanuit hun kwamen andere brouwers opzetten. En dat schuilt allemaal achter zo'n wit label.... 


maandag 10 mei 2021

Hosternokke!

Hosternokke is een opmerkelijk woord, dat je alleen in Zeeland hoort. ... Maar wat betekent het nu eigenlijk? ...Het woord "Hosternokke" is een verbastering van het woord "Godverdomme". Maar uit respect naar het geloof is het in de loop der jaren verbasterd tot "Hosternokke". Het woord kent zelf ook een aantal verbasteringen, zoals "Hostermannuh" en "Hosterlievuh".  (https://www.omroepzeeland.nl/nieuws/75983/Hosternokke-wat-betekent-dat-eigenlijk)

Het woord hosternokke betekent eigenlijk godverdomme. Het is dus eigenlijk een vloekwoord of uitroep van boosheid/verbazing (zullen we maar zeggen). Uit respect voor het geloof gebruiken de Zeeuwen echter niet het aanstootgevende ‘god-verdoem-me’, maar het verbasterde woord hosternokke, . Waar andere ‘godverdomme’ zeggen, zeggen de Zeeuwen dus ‘hosternokke’. Of gostermokke, hostermannuh of hosterlievuh. Hosternokke is een typisch Zeeuws woord dat je echt alleen in Zeeland hoort. (https://www.zeeuwsenzo.nl/zeeuwse-woordjes-hosternokke/)

https://zea.wikipedia.org/wiki/Hosternokke

Ik was laatst een weekendje naar Zeeland. Onderweg kwamen we langs Hilldevils (okee, beetje om) en  Emelisse. 

In Zeeland liepen we op zoek naar Kees en vonden we brouwerij Middelburg.

Brouwerij HillDevils is in 2013 opgericht door Marleen en Theo van Eekelen uit Wouwse Plantage. De twee bierliefhebbers proeven al geruime tijd bier en toen zij in 2008 een bier namen van Brewdog waren zij volledig klaar met de standaard Belgische bieren. Na het volgen van een bierbrouwcursus kwamen ze op het idee eigen bier te gaan brouwen en dat in de stijl van het Schotse Brewdog. Tot hun schrik vielen twee van hun brouwsels met een 1e en 2e plek direct in de prijzen. De brouwerij was geboren en er is nog zoveel te ontdekken dus ze zijn nog lang niet uitgebrouwen. (https://www.hetbiermoment.nl/c-2436017/hilldevils/) (https://hilldevils.nl/over-hilldevils/)

Het leek toen we er langs kwamen een gewoon woonhuis, toen we keerden nog steeds. Geen ketel gezien....

Toen we over de A58, of was het de E312, reden, zagen we brouwerij Emelisse. 

Brouwerij rondleiding Brouwerij rondleiding met bierproeverij in Slot Oostende (Goes, Zeeland), neem een duik in de wereld van ambachtelijke bieren. Boek een brouwerij rondleiding in Slot Oostende, deze duurt ongeveer 1 uur, (exclusief de proeverij) en krijg een idee van de processen en smaken van ons bier.  (https://www.emelisse.nl/bierproeverij-met-rondleiding/)

Euh, wat we zagen was geen slot. Het was een typisch bedrijfsgebouw op een bedrijventerrein... 

Brouwerij Emelisse is al meer dan 10 jaar een vaste waarde in de wereld van speciaal bieren. Emelisse heeft een breed scala aan speciaal bieren, van IPA’s tot Stouts en exclusieve bieren. Brouwmeester Jens van Stee wilt u blijven verblijden en verbluffen met de smaaksensaties die Emelisse naar de top 100 hebben gebracht. Emelisse staat als grote broer van Slot Oostende voor de karakteristieke smaakbeleving. (https://www.emelisse.nl/)

Brouwerij Emelisse is een Nederlandse ambachtelijke brouwerij te Goes in de provincie Zeeland. De naam van de brouwerij verwijst naar een verdwenen dorp op Noord-Beveland. Emelisse was een van de twaalf dorpen waaruit het huidige Noord-Beveland bestond in de middeleeuwen. (https://nl.wikipedia.org/wiki/Brouwerij_Emelisse)

Fré Buijze, een hobbybrouwer was mede initiatiefnemer achter de oprichting van deze brouwerij. Hij begon einde jaren negentig een bier te laten brouwen met de naam Emelisse Abdijbier bij de Scheldebrouwerij. In september 1998 werd de Stichting Emelisse opgericht met als doel Noord-Beveland te promoten. Een van hun doelstellingen was het brouwen van een ambachtelijk bier met lokaal geteelde brouwgerst. Aanvankelijk werd het Emelisse-bier voor de stichting gebrouwen bij Bierbrouwerij De Halve Maan te Hulst. In 2005 werd een eigen brouwerij gebouwd die op 29 oktober datzelfde jaar officieel geopend werd. Er werd nauw samengewerkt met de Scheldebrouwerij, waar de flessen gebotteld worden. Peter van den Eynden van de Scheldebrouwerij brouwde er tot mei 2007 en daarna trad Kees Bubberman in dienst als brouwmeester. De brouwinstallatie heeft twee koperen ketels met een brouwcapaciteit van 1000 liter. Daarnaast zijn er twaalf lagertanks met een capaciteit van 160 hl, in 2012 kwamen er twee extra lagertanks van 30 hl bij. Wegens het succes van de bieren werd sinds 2010 een deel van de productie uitbesteed aan De Proefbrouwerij te Hijfte in België. Eind 2016 werden de activiteiten van brouwerij Emelisse overgenomen door brouwerij Slot Oostende uit Goes. Vanaf 2017 worden de Emelisse bieren gebrouwen in Goes. In Kamperland wordt de locatie niet meer gebruikt voor de productie, echter is daar nog wel het restaurant actief onder de naam Restaurant Emelisse. (https://nl.wikipedia.org/wiki/Brouwerij_Emelisse)

Kees Bubberman startte zijn professionele brouwcarrière bij Brouwerij Emelisse in het Zeeuwse Kamperland. Hij was toen al jarenlang een meer dan verdienstelijk hobbybrouwer. Opgeleid en op dat moment werkzaam als horecakok zag hij een unieke kans. Al binnen enkele jaren groeide Emelisse uit van een vooral op toeristen en bierbrouwers in de regio gerichte brouwerij tot een craft beer brewery van internationale faam. Tientallen vooral op Britse en Amerikaanse leest geschoeide en gedurfde IPA's, zware porters, coffee stouts, winterbieren en saisons verlieten de brouwerij. Toch besloot Kees Bubberman na een aantal jaren dat het tijd werd om op eigen benen te staan. Een aantal grote en kleine investeerders uit binnen- en buitenland bleek bereid hem te helpen zijn droom te verwezenlijken en begin 2015 opende hij in thuisstad Middelburg Brouwerij Kees! Nog geen jaar later werd hij tot vierde beste nieuwe brouwer wereldwijd verkozen door de toonaangevende craft beer-liefhebbers site Ratebeer.com. In 2017 stond brouwerij Kees weer hoog in de wereldwijde top 100 van Ratebeer.com. (https://www.nederlandsebiercultuur.nl/databank/brouwerij?brouwerij_id=1276&task=display&controller=brewery&view=brewery&option=com_senb&adf76a7089dbc5a06e6da036d3b0f9b5=1)

Er was één grote droom: een eigen brouwerij. Die droom kwam uit: in zijn thuisstad Middelburg staat nu Brouwerij Kees! Meteen had Kees een vliegende start: in het eerste jaar van zijn bestaan werd Brouwerij Kees verkozen tot één van de beste nieuwkomers op Ratebeer.com. Deze internationale aandacht bracht de bieren van Kees sindsdien van Nederland tot ver buiten de landsgrenzen. (https://www.brouwerijkees.nl/)

Doorsnee, ‘saaie’ of matig gebrouwen bieren zijn er al genoeg. De ware bierliefhebber heeft behoefte aan verrassende IPA’s, stouts en porters met gedurfde smaken, of aparte seizoensbieren, maar dan wel van de best mogelijke en meest constante kwaliteit. Aldus de filosofie van Kees Bubberman, eigenaar van Brouwerij Kees! in Middelburg. Toegankelijk smakende bieren, maar wel met een twist, iets aparts, dat is zijn idee. (https://www.multibier.nl/brouwerij-kees/)

Vestigingsadres Voltaweg 16 4338 PS Middelburg

Bezoekmogelijkheden Proeflokaal: Nee

(https://www.nederlandsebiercultuur.nl/databank/brouwerij?brouwerij_id=1276&task=display&controller=brewery&view=brewery&option=com_senb&adf76a7089dbc5a06e6da036d3b0f9b5=1)

Bij het doorwandelen in Middelburg zijn we hier niet uitgekomen. Beetje slechte uitvoering zeg maar... Een drukkerij in lopen, met verwachting er een brouwerij te vinden :p... Wel vonden we een andere brouwerij:

StadsBrouwerij Middelburg Korte Geere 17 4331 LE, Middelburg (https://stadsbrouwerijmiddelburg.nl/biersoorten.html)

Hosternokke, dit is ons geheim! Meesterbrou-wer Jacco de Wee geeft een kijkje in de keuken... Het bier dat in de Stadsbrouwerij Middelburg gebrouwen wordt is een natuurproduct, gemaakt uit water, graan, hop en gist, waaraan eventueel tijdens het koken kandijsuiker of kruiden toegevoegd wordt. Het bier wordt traditioneel, maar met een moderne brouwinstallatie gebrouwen. Het brouwproces is gebaseerd op een eeuwenoud en eenvoudig principe. Natuurlijk vergistbare suikers worden geëxtraheerd uit gemoute granen met behulp van heet water. Dat lijkt simpel, maar dit proces vraagt de nodige vakmanschap. ... Onze brouwinstallatie bestaat uit een brouwhuis van 600 liter Uitgerust met een beslag-/kookketel, filterkuip  en warmwatertank/ whirlpool. De brouwinstallatie wordt met stoom verwarmd. Voor de koeling hebben we een ijswatertank van 1000 liter. Daarnaast hebben we 6 concentrische gisttanks van 750 liter. De netto capacitieit van de installatie is 500 liter. Daarmee willen we 250 Hl per jaar gaan brouwen. (https://stadsbrouwerijmiddelburg.nl/brouwerij.html)

En deze brouwerij heeft wel een proeflokaal!  (zie https://stadsbrouwerijmiddelburg.nl/proeflokaal-1.html)

Was een geslaagde middag een proeverij, een uitleg over de brouwerij in de brouwerij zelf, leuke biertjes gedronken en wat meegenomen, vriendelijke mensen en we krijgen wat etiketten mee en biertjes mee om te kopen. Datum van activiteit: augustus 2020 (https://www.tripadvisor.nl/ShowUserReviews-g188618-d15029881-r763886916-Stadsbrouwerij_Middelburg-Middelburg_Zeeland_Province.html, https://www.tripadvisor.nl/Attraction_Review-g188618-d15029881-Reviews-Stadsbrouwerij_Middelburg-Middelburg_Zeeland_Province.html)

Stadsbrouwerij Middelburg is een bierbrouwerij uit Middelburg (Nederland) die is opgericht in 2014.  (https://www.biernet.nl/bier/brouwerijen/nederland/zeeland/middelburg/stadsbrouwerij-middelburg)

In augustus 2015 maken Jacco en Marja de Wee bekend dat zij het pand aan Korte Geere 17 in Middelburg hebben gekocht om er een brouwerij te beginnen. In het daaropvolgende half jaar wordt een crowdfundingsacties gestart die succesvol verloopt. Op zeker moment wordt gekozen voor de naam Stadsbrouwerij Middelburg. Die brouwerij, mét proeflokaal, is op 30 oktober 2016 geopend. (https://middelburgdronk.nl/wiki/Stadsbrouwerij_Middelburg)

Stadsbrouwerij Middelburg is ontstaan vanuit Brouwerij Dienges.De Zeeuwse bierbrouwer, Jacco Wee, is al jaren hobbymatig bezig met het brouwen van bier naar eigen recept. Het is een proces van jaren om het ultieme recept te creëren. In 2014 was het moment daar en is Hosternokke blond gelanceerd. Onder toeziend oog van Stichting Bier in Zeeland en vastgelegd door Omproep Zeeland is een nieuw biermerk geboren, Hosternokke. Brouwerij Dienges was vanaf dat moment een feit. (https://www.biernet.nl/bier/brouwerijen/nederland/zeeland/middelburg/stadsbrouwerij-middelburg)

Baardaap Brewing is een bierbrouwerij uit Middelburg (Nederland) die is opgericht in 2017.... Baardaap Brewing is ontstaan als hobby brouwerij uit een onverminderde passie voor goed bier en een missie om mensen samen te brengen. Vanuit hartje Middelburg maakt Baardaap Brewing een diversiteit aan krachtige bieren met een unieke beleving. Uitdagend, avontuurlijk en altijd vol van smaak. Kwaliteit en creativiteit staan binnen hun experimentele werkwijze centraal. The Sky is the limit! (https://www.biernet.nl/bier/brouwerijen/nederland/zeeland/middelburg/baardaap-brewing) Ook deze hebben we niet gevonden...

Bierbrouwerij 'De Halve Maan' te Hulst De brouwerij is in juni 1990 opgericht als de 'Zeeuwsch Vlaamsche Bierbrouwerij' door een aantal bierliefhebbers. In de oorspronkelijke opzet was sprake van een klein 'Huis-Brouwerijtje'. Al gauw liep het één en ander uit de hand en stond er een forse installatie. Een klassiek geval van passie en enthousiasme van de brouwkunst. De nieuwe brouwerij werd gebouwd in uit de negentiende eeuw daterend graanpakhuis aan het voormalig stationsterrein net buiten de vesting van Hulst. De brouwketels zijn afkomstig van brouwerij Artois in Leuven en Ginder-Ale in Merchtem. De naam 'De Halve Maan' is afkomstig van de laatst overgebleven brouwerij in Hulst die in 1966 gesloten is. Deze brouwerij dankte haar naam aan de vestingswerken van de stad Hulst. Buiten de aarden vestingswal lagen vroeger steeds tussen twee ravelijnen de zogenaamde 'Halve Manen'. Dit waren kleine driehoekige eilandjes in de vest, waarop enkele manschapppen en een kanon geplaatst werden wanneer een vijandelijk leger de stad naderde. De eerste brouwerij 'De Halve Maan' werd dicht in buurt van de plaatst waar vroeger zo'n eilandje lag gebouwd. (http://www.renno.nl/zbier/maan.html)

Rond 1750 werd door de heren Neyt en Fassaert een brouwerij opgericht gebouwd op de gewelven van een oud Franciscaner klooster. Maar in 1821 nam Jan Pieter Wauters de brouwerij over en kreeg het de naam Bierbrouwerij de Halve Maan. De naam kreeg het door feit dat het dicht bij een bolkwerk in de vesting van Hulst lag. Buiten de aarden vestingswal lagen vroeger steeds tussen twee ravelijnen de zogenaamde "Halve Manen". Dit waren kleine driehoekige eilandjes in de vest, waarop enkele manschapppen en een kanon geplaatst werden wanneer een vijandelijk leger de stad naderde. De brouwerij werd dicht in buurt, van de plaatst waar vroeger zo'n eilandje lag, gebouwd. ... Tot 1915 was de Halve Maan in handen van Dhr H.H.M. Wauters. In 1915 werd de brouwerij een Naamloze Vennootschap. Vanaf 1920 hete deze brouwerij officieel N.V. Bierbrouwerij de Halve Maan. Aanvankelijk werd er het Hulster Monnikenbier gebrouwen, naar de bewoners van dit klooster. Pas in 1908 zag het Java bier het levenslicht. Het Java bier was een lichtere versie (door de jaren variërend van 3,5 tot 5% alcohol) van het Hulster Monnikenbier die door toevoeging van een zeer oude Lambic haar volle karakter kreeg.... Op het hoogtepunt kende de brouwerij een twintigtal werknemers. In 1967 werd er voor het laatst gebrouwen en in 1968 kwam er voorlopig een definitief einde aan een lange Zeeuwse brouwtraditie, want toen werden de deuren van bierbrouwerij 'De Halve Maan' gesloten. De concurrentiestrijd met de grote pilsener-brouwerijen kon niet langer meer worden bolgewerkt. Vier jaar later, in 1972 werd de brouwerij afgebroken. (https://www.biernet.nl/bier/brouwerijen/nederland/zeeland/hulst/halve-maan-anno-1821)

De geschiedenis van de brouwerij begint in 1821, wanneer de heren Wauters, Faseert en Neyt op de gewelven van een oud recoletteklooster brouwerij de Halve Maan stichtten. allen zijn ze telgen uit Vlaamse brouwersgeslachten. De brouwerij kent een succesvol bestaan in Zeeuwsch-Vlaanderen en het Java bier, dat in 1908 op de markt komt is een lokaal Iconisch bier. Terwijl in het begin van de 20ste eeuw Brouwers in Nederland massaal overschakelen op de productie van het Pilsener type blijven de Hulsterse Brouwers volharden in het brouwen van bovengistend bier. Zelfs wanneer alle overige Nederlandse brouwerijen Pilsener brouwen, stroomt er in Hulst nog traditioneel bier uit de ketels. In 1968 wordt de brouwerij in de binnenstad van Hulst gesloten en worden de kelderrechten verkocht aan Paul Vermeersen, die voor die tijd distributeur van het Hulsterse bier was. In 1989 wordt een nieuwe brouwerij in gebruik genomen buiten de vesting aan de Absdaalseweg. . In die tijd wordt het “Dobbele Java” van de oude brouwerij gebrouwen maar wordt ook het Zeeuwsche Witte gelanceerd. In 1999 wordt het oude Stationsgebouw achter de brouwerij gerestaureerd en kunnen bezoekers ter plaatse genieten van de lokale bieren. Vanaf 2010 wordt de oude brouwerij installatie grondig gemoderniseerd met een nieuwe afvullijn, een nieuwe centrifuge, Meura filter, stoogenerator etc. In 2016 wordt de naam “bierbrouweriij Vermeersen” aangenomen. De verwarring met de brouwerij in Brugge gaf in een tijd van Untapped, Facebook en marktuitbreiding de doorslag. Op dit moment richt de brouwerij zich op het brouwen van mooie evenwichtige bieren uit, voorzover mogelijk, lokale ingrediēnten voor de Zeeuwse Markt. (https://vermeersen.com/)

Wat wel leuk was, dat we op een terras zaten en er een bagel besteld werd, waar de kok zelf nog een foto van maakte voor hun instagram.... de horeca is echt lang dicht geweest en ons bezoek werd steeds erg gewaardeerd. :) Elders dronken we op terras nog een lokaal bier: Kiek'esTripel bier Een heerlijk tripel biertje van het Zeeuws Biergenot 

Achter het bier van Zeeuws Genot uit Koudekerke gaat een vrouw schuil KOUDEKERKE Je ziet het niet vaak; een vrouwelijk bierbrouwer. Maar achter de bieren van Zeeuws Genot gaat Josseline Wijmenga schuil. Sinds kort laat ze zes verschillende Zeeuwse bieren brouwen. ,,Mijn vader brouwde al jaren bier voor zijn plezier. Daar was hij best goed in”, vertelt ze. ,,Hij werd gevraagd voor grotere partijen en zo leverde hij onder meer het recept voor een Luther bier en een bier op speciaal verzoek van CZAV”, gaat ze trots verder. ,,Ik dacht daar moeten we mee verdergaan en aangezien ik thuis zat na de geboorte van mijn tweede dochter, zijn we toen samen begonnen.  ... We ontwikkelden zes verschillende bieren: Kiek ‘es Tripel, Qua druppel, dat is een zwaar bier van 10%, Zeeuws Blond, Blondje Tripel, Binnenkommertje, dat is een echt biertje voor bij het eten omdat het positieve uitwerking op de spijsvertering heeft, en een Dubbelbok, een bruin biertje. We laten de bieren brouwen in Moerkerke in België maar de mout komt uit Kloosterzande. Er zit dus wel een Zeeuwse twist aan.”  ... De bieren slaan goed aan en worden al op meer dan 15 plaatsen verkocht. ,,Steeds meer vrouwen drinken speciaal bier,” vervolgt Wijmenga. Dat zie ik in mijn vriendenkring ook en natuurlijk wordt ermee gekookt.” Bijvoorbeeld mosselen. Neem voor 4 personen 4 kilo mosselen. Was de mosselen, fruit een ui en twee tenen knoflook  in roomboter en vroeg er dunne ringen prei, blokjes wortel, en bladselderij is stukjes aan toe. Doe de mosselen er bij en laat even koken. Giet er een flesje Zeeuwse blonde bij en laat de mosselen een paar keer koken. Serveer met brood, sla en drink er een Zeeuws Genot biertje bij. (https://www.pzc.nl/koken-en-eten/achter-het-bier-van-zeeuws-genot-uit-koudekerke-gaat-een-vrouw-schuil~ac4569c1/)

Zeeuws Biergenot Brouwerijhuurder Opgericht: 2018... Achter de bieren van Zeeuws Genot gaat Josseline Wijmenga schuil. Haar vader brouwde al jaren als hobbybrouwer en leverde onder meer het recept voor een Luther bier en een bier op speciaal verzoek van CZAV. Samen met haar vader werden de Zeeuws Genot bieren ontwikkeld. Die bieren worden gebrouwen bij Bryggja Brewery in Moerkerke (België). De mout komt uit Kloosterzand, dus de bieren hebben wel een Zeeuwse twist. (https://www.nederlandsebiercultuur.nl/databank/brouwerij?brouwerij_id=3588&view=brewery&option=com_senb&d052a27d559c1506ae629e592d877bfa=1)

Op https://www.zeeuwse-producten.nl/116-bieren staan een aantal Zeeuws Bieren, al staat de Scheldebrouwerij (ontstaan in het Brabantse Bergen op Zoom en vervolgens verhuisd nar het Vlaams Brabantse Meer):

Zeeuwse Bieren

Er zijn veel verschillende bierbrouwers in Zeeland, die allemaal heerlijke (speciaal)biertjes maken!
Hieronder vind u het assortiment wat wij hebben van deze brouwers.


THE BEGINNING

The story of Bryggja Brewery begins in 2012. Four friends decide to take part in the beercompetition organized by Brouwland with their tasty tripel. From a selection of over 90 beers, the Bryggja Triple is elected by a professional jury as the best hobby beer of Belgium. This victory convinces us, as hobbybrewers, to continue brewing.

 

Shortly after the final we choose a name, bottle and appropriate label design for our beer. Bryggja is launched during the Bruges beer festival in 2013. A year later, the second beer ‘Amuse’ is released.

 

Both beers are initially brewed in another brewery but at the end of 2014 we finally decide to start our own brewery. A suitable property in Moerkerke is found and makes the decision final. In the spring of 2015 the brewing equipment is placed there. 


TODAY

Three years after starting our own brewery, we now brew weekly (for ourselves and others). Our beers are popular both nationally and internationally. In our own beers we only use Belgian hops. For that reason, our beers carry the official logo 'Belgion Hop' on their labels. In addition, we don’t use extracts, taste amplifiers or foam amplifiers. Everything is natural. For us, quality is a priority and you can taste that. 


In the past years, our range of beers has extended. Take a look at ‘our beers’ for the various delicious beers that we are brewing.  (https://www.bryggjabrewery.be/over-ons?lang=en)


Het viel me op dat opvallend wat Zeeuwse bieren hier werden gebrouwen.

maandag 19 oktober 2020

Boktober 2020

Het is weer oktober en dat is traditioneel het seizoen voor bockbier. Zie o.a. Bierburo: https://www.bierburo.com/bockbier-aan-tafel/ , Bierista: https://www.bierista.nl/actueel/bockbier-in-trek-bij-bierista, Bierfamilie: https://www.bierfamilie.nl/biersoorten/bokbier/ en Bier &Co https://www.bierenco.nl/bockbier/.

Bockbier, ook wel bok bier of bokbier, is een bekend seizoensbier. Er zijn zowel bovengistende als ondergistende bockbieren. Oorspronkelijk werden er alleen ondergistende bockbieren gebrouwen. Tegenwoordig wordt ook bovengistend bockbier gebrouwen. De bierstijl wordt elk jaar in oktober gevierd met verschillende bockbierfestivals over heel het land. (https://www.bierenco.nl/bockbier/)

Sinds 1869 brouwen we in Nederland al bokbier. De Nederlandse brouwerijen maken 7 miljoen liter herfstbok per jaar. Er valt genoeg te proeven en te proberen.  (https://proefhetzuiden.nl/bokbier-seizoen-begonnen/) 

Een overzicht van bokbieren is te vinden op https://www.bokbier.nl/:

Bokbier is de verzamelsite van alle in Nederland beschikbare Bokbieren. Bokbier is onafhankelijk en onbevooroordeeld. Wij streven naar een compleet overzicht van alle jaarlijks beschikbare bokbieren. (https://www.bokbier.nl/)

Eind april 1843 duikt het ‘Munichner Bockbier’ voor het eerst op in Amsterdam bij het Bayerisches Bierhaus van J.G.C. Friedr. Camphuynder in de ‘Reguliersbreestrasse’, dat het de volgende twintig jaar zou blijven importeren. Verder werd in die jaren hier en daar in andere Nederlandse steden bokbier uit Duitsland rond 1 mei geïmporteerd, op bescheiden schaal. De primeur van het eerste echte Nederlandse bokbier was voor brouwerij De Struisvogel in Groningen, die er in 1854 en 1857 mee adverteerde. Daarna bleef het lang stil, terwijl zich intussen een revolutie in brouwend Nederland voltrok: de eerste ondergistende ‘Beierse’  bierbrouwerijen doken op. Het was dan ook een daarvan, de Koninklijke Nederlandsche Beiersch Bierbrouwerij in Amsterdam, die half maart 1868 als eerste bokbier op de markt bracht. In april 1872 volgde het twee jaar daarvoor opgerichte Amstel, en in februari 1874 kwam ook Heineken met bokbier. (https://verlorenbieren.nl/verloren-bieren-8-het-verschuivende-bokbierseizoen/)

Leuk genoeg moeten we kijken naar die andere ondergistende bierstijl: bock. Zo kwam Heineken in februari 1874 met een bockbier. In februari, want het was toen nog een typisch lentebier (zie dit artikel). In 1992 is het gewone Heineken bockbier echter vervangen door Heineken Tarwebok, zodat we, andere receptuur, andere naam, tegenwoordig niet van hetzelfde bier kunnen spreken.[11] Nee, het oudste nog bestaande Nederlandse bier is: Amstel Bockbier. In april 1872 werd er voor het eerst mee geadverteerd.[12] De productie ervan heeft tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog een tijdje stil gestaan, maar dat geldt ook voor de pilseners. In de jaren dertig was Amstel verder een van de drijvende krachten achter de ‘landelijke’ bockbierintocht in Amsterdam, compleet met echte bokken.[13] In de jaren zestig was het nogal low-profile, maar na de overname van Amstel door Heineken in 1968, kwam er in 1972 een restyling van het Amstel Bock-etiket. Toch moet de productie ervan weer een paar jaar hebben stilgelegen, want in 1980 werd het opnieuw gelanceerd, ‘aangezien dit type bier zich de laatste jaren in een toenemende belangstelling mag verheugen.’ Dat was waarschijnlijk ook het moment waarop het alcoholpercentage omhoog werd geschopt van 6,5 naar 7%. Hoe dan ook, na een korte pauze was het ‘diep-rode bier dat zich kenmerkt door een krachtige, rijke smaak en een mooie schuimkraag’ weer terug, in 1983 ook op fust.[14] (https://verlorenbieren.nl/wat-is-het-oudste-bier-van-nederland/)

In Nederland wordt al sinds 1869 bokbier gebrouwen. Herfstbok is altijd boven de 6% alcohol en daarmee onderscheidt het zich van de "gewone pils". Dit komt doordat er in bokbier twee keer zoveel mout zit als in een pilsje. Vind je ook dat bokbier altijd een heerlijk zoete en kruidige smaak heeft? Dit komt doordat het mout op 150 graden Celcius wordt gedroogd. De suikers gaan hierdoor karameliseren. Samen heffen we 't glas op de herfst! (https://www.janlinders.nl/bokbier.html)

De herfstbok onderscheidt zich van de “gewone pils” doordat het twee keer zoveel mout bevat en het alcoholpercentage altijd boven de 6% is. De heerlijke zoete en kruidige smaak ontstaat doordat het mout op 150°C wordt gedroogd. De suikers gaan hierdoor karameliseren. (https://proefhetzuiden.nl/bokbier-seizoen-begonnen/)

De redenen hiervoor zijn divers, uiteindelijk komt het erop neer dat bockbier nu eenmaal het lekkerste smaakt in de herfst en winter. Dan kan je als brouwer dat bier natuurlijk het beste ook aan het begin van de herfst uitbrengen. Door de jaren heen is de introductiedatum van het bockbier dan ook verschoven van december in 1950, naar begin oktober in 1975 tot uiteindelijk de huidige 21 september: het begin van de herfst. Toch begint ook die datum te verschuiven, want veel bockbieren zien we al voor de herfst verschijnen. Overigens drinken we ook bockbier in de lente, dit is een soort sub-traditie geworden in Nederland. Het zijn dan vaak lichter gekleurde bieren, die we lentebock noemen.  (https://www.beerwulf.com/nl/artikelen-over-speciaalbier/bock-of-bok-zes-vragen-over-bockbier)

Oorspronkelijk werd bokbier gemaakt voor de koude winterdagen. Tegenwoordig luiden wij dit seizoen al in oktober in. Er zijn begin oktober dan ook veel bokbierfestivals waar je oneindig veel soorten kunt proeven. Het seizoen van de herfstbok loopt van oktober tot en met februari. Van maart tot en met juni is het tijd voor de lentebok (soms ook meibock genoemd).  (https://www.bierfamilie.nl/biersoorten/bokbier/)

Het eerste op grote schaal gebrouwen bokbier was dat van de Koninklijke Nederlandsche Beiersch Bierbrouwerij in Amsterdam, die het in maart 1868 introduceerde. Oorspronkelijk was het, in navolging van Duitsland, een voorjaarsbier maar de introductiedatum van het bokbier schoof door de jaren heen op naar het najaar; in de jaren dertig werd het bokbier de tweede donderdag van december uitgebracht en later werd dit vervroegd naar oktober.[2] Bokbier bleef in het assortiment van de grote Nederlandse brouwerijen, maar mede door de inspanningen van de vereniging PINT en hun jaarlijkse bokbierfestival (sinds 1978) werd het bokbier in de jaren tachtig en negentig weer echt populair in Nederland. In 1982 brouwde de Arcense Bierbrouwerij het eerste bovengistende bokbier. Tegenwoordig zijn er meer dan 50 bokbieren op de markt. (https://nl.wikipedia.org/wiki/Bokbier)

In 1978 wordt de ommekeer ingezet met het eerste Bokbierfestival in Amsterdam. De aandacht voor bockbier werd pas echt groter vanaf 1980, in dat jaar wordt bierconsumentenorganisatie PINT opgericht en nemen zij de organisatie van dit festival op zich. Bockbier is misschien wel het grootste succes van PINT, zij hebben zichzelf immers opgericht met als doel vergeten bierstijlen vernieuwde aandacht te geven. Het is een van de bewijzen dat consumentenverenigingen invloed hebben op de geschiedenis van bier. Zoals CAMRA in Groot-Brittannië zorgde voor het voortleven van traditionele Engelse bierstijlen, lukte PINT in Nederland dit met bockbier! (https://www.beerwulf.com/nl/artikelen-over-speciaalbier/bock-of-bok-zes-vragen-over-bockbier)

In 1982 kwam het eerste bovengistende bokbier op de markt, gebrouwen door de Arcense Bierbrouwerij. In 1983 was Amstel Bokbier het eerste bokbier dat op vat verkrijgbaar was. Tegenwoordig zijn er meer dan 50 bokbieren op de markt. ... Sinds 2001 wordt elk jaar in de maand oktober, en in elk geval vóór het PINT Bokbierfestival door het onafhankelijke organisatiecomité Lekkerste Bockbier.nl de verkiezing georganiseerd van "Het Lekkerste Bockbier van Nederland". Dit betreft uitsluitend bokbieren die op fles verkrijgbaar zijn. Sinds 1996 wordt in Zutphen in de maand oktober de Nationale Bokbierdag georganiseerd, een evenement met diverse activiteiten die in het teken staan van het bokbier en dat inmiddels zeer grote bezoekersaantallen trekt. (https://bokbier.nl/geschiedenis.html)

WAT IS BOKBIER?
Bokbier is een biersoort met een herfst- en een lentevariant. De herfstbok is donkerder van kleur en bevat meer alcohol dan de lentebok. Bokbier heeft over het algemeen zoetige tonen en een vrij lage bitterheid. https://www.gall.nl/bier/soorten/bokbier/#:~:text=Bokbier%20onderscheidt%20zich%20van%20pils,zorgt%20voor%20een%20steviger%20bier.

Er zitten 183 kilocalorieën in 1 flesje (300 gram) bokbier. (https://www.voedingscentrum.nl/nl/service/vraag-en-antwoord/gezonde-voeding-en-voedingsstoffen/hoeveel-calorieen-zitten-erin-/caloriechecker/bokbier.aspx)

Bockbier is wel één van de weinige bierstijlen die wordt genoemd in de Nederlandse Warenwet: om een bier Bock of Bok te mogen noemen, moet het stamwortgehalte (percentage vaste stoffen voor de vergisting) minimaal 15° Plato zijn. Voorheen was dit overigens 15,5°Plato. (https://www.beerwulf.com/nl/artikelen-over-speciaalbier/bock-of-bok-zes-vragen-over-bockbier)

Bokbier is de enige bierstijl in Nederland die wettelijk beschermd is en wel in de Bierverordering. Vroeger stonden hier verplichtingen in over alcoholpercentage, kleur, smaak en lage gisting, maar deze zijn al enige tijd verdwenen. De enige verplichting waar bokbier aan moet voldoen is dat het een minimale Plato van 15.5 moet hebben. (https://www.sfbhoreca.nl/bavaria/nl/home/5-weetjes-bokbier.html)

Bokbier is een biersoort die twee varianten kent, namelijk de hersft- en de lentevariant. De kleur van de herfstvariant, de zogeheten herfstbok, is donkerder van kleur en bevat meer alcohol dat de lentevariant, die ook wel de lentebok wordt genoemd. Over het algemeen heeft Bokbier zoetige smaken en een vrij lage bitterheid. (https://www.bierfamilie.nl/biersoorten/bokbier/)

Het valt me op dat op veel sites dezelfde teksten staan, en dan zonder bronvermelding... wat een schandaal. :p

Het bockbier is ontstaan in Duitsland. Daar ontstond het als een bier dat een ‘sterkere’ versie was van het reguliere bier dat een brouwerij maakte. Bockbier is in Duitsland nu het hele jaar door verkrijgbaar. In Nederland ontwikkelde het zich tot een seizoensbier, en bockbier heeft lang gegolden als de enige unieke biertraditie van Nederland. In België brouwt men bockbier speciaal voor de Nederlandse markt, deze kunnen zowel ondergistend als bovengistend zijn. Andere landen kennen bockbier nauwelijks; het wordt er dan ook nauwelijks geproduceerd. (https://www.bierenco.nl/bockbier/)

Er gaan verschillende verhalen rond over het ontstaan van bokbier. Om een antwoord te krijgen op de vraag: wat is bokbier? is het verstandig om op zoek te gaan naar het ontstaan van de naam. Het meest geloofwaardige verhaal is dat de naam een verbastering is van Einbecker Bier en dat het aan het begin van de 17e eeuw is ontstaan in Beieren. Einbeck was een erg beroemde bierstad waar op dat moment één van de betere bieren werd gebrouwen. In het begin van de zeventiende eeuw werd Elias Pilcher, een brouwer uit Einpecker naar Beieren gehaald om dit bier te brouwen. Het dialect in Beieren was iets anders waardoor men ‘Einbecker bier’ uitsprak als Ainpockisch Bier, dat later verkort werd tot Ainpock. Uiteindelijk vroeg men simpelweg om Ein Bock. Hoewel veel mensen anders denken heeft bokbier dus helemaal niets met een bok te maken. Toch hebben veel fabrikanten en brouwerijen van die gedachtegang gebruik gemaakt door een bok op het etiket af te beelden. (https://menfacts.nl/wat-is-bokbier/)

Bokbier stamt oorspronkelijk uit het eind van de 17e eeuw. Het bier is ontstaan in Beieren, Duitsland, om precies te zijn in de beroemde Middeleeuwse bierstad Einbeck. Einbecker bier werd op z’n Beiers uitgesproken als “Ainpöckisch bier”, verkort werd dat weer Ainpöck wat eindigde in “ein bock”. Dit is de naam waaronder wij het tegenwoordig nog steeds kennen: bokbier. Oorspronkelijk schrijf je bockbier met ‘ck’, maar in Nederland ook vaak als ‘bokbier’ geschreven. Beide zijn correct. Nederland is overigens niet het enige land waar bokbier zo populair is. Duitsland, Noorwegen, Oostenrijk en Tsjechië brouwen ook maar wat graag dit seizoensbier. Opmerkelijk: België brouwt bokbier dat soms juist bedoeld is voor de Nederlandse markt. (https://www.bierfamilie.nl/biersoorten/bokbier/)

Bokbier[1] of bockbier (naar het Duits: Bockbier) is een sterk seizoensbier. Oorspronkelijk zijn bokbieren ondergistend, maar de laatste jaren zijn er in Nederland meer en meer bovengistende bokbieren op de markt gekomen. Een donkere variant wordt tussen oktober en februari verkocht (met een verkooppiek rond oktober en november) en wordt herfstbok genoemd. Vanaf de vastentijd tot mei wordt ook bokbier verkocht dat meestal blond of amberkleurig is en lentebok of meibok wordt genoemd.
Bokbier is van oorsprong een Duitse biersoort. Andere landen waar bokbier wordt gebrouwen, zijn Nederland, Noorwegen, Oostenrijk en Tsjechië. Het Nederlandse bokbier heeft zich vanaf de jaren 80 van de twintigste eeuw tot een afzonderlijke stijl ontwikkeld met zo z'n eigen tradities en als opvallendste kenmerk dat bokbieren zowel onder- als bovengistend kunnen zijn. Ook in België worden bokbieren in Nederlandse stijl gebrouwen, maar die zijn uitsluitend bestemd voor de Nederlandse markt. België zelf kent geen bokbiertraditie. (https://nl.wikipedia.org/wiki/Bokbier)

De verklaring voor Bock met Bee-Oo-Cee-Kaa ligt in het meest gangbare verhaal over de oorsprong van bockbier. Die ligt namelijk in de Noord-Duitse stad Einbeck, met CK dus. In Beieren (zuid-Duitsland) wilde men ook dat smakelijke bier uit Einbeck brouwen: Einbecker bier. Dat werd in het Beiers Ainpockisch bier, wat uiteindelijk werd verbasterd tot Ein Bockbier.  ... Aangezien bock heel erg lijkt op de Nederlandse naam voor een mannelijke geit, ligt het voor de hand een kop van een bok af te beelden als men het over dit bier heeft. Dan is het net zo logisch de C te laten vallen en het Bokbier te noemen, een gebruik dat zeker teruggaat tot begin 20e eeuw.
Kortom: Bock is het meest gebruikt en ligt het dichtste bij de oorspronkelijke naam, maar Bok zonder C kent inmiddels zo’n lange geschiedenis, dat we dat ook goedrekenen.(https://www.beerwulf.com/nl/artikelen-over-speciaalbier/bock-of-bok-zes-vragen-over-bockbier)

Bokbier heeft niets met het mannelijke geslacht van de geit (Capra aegagrus hircus) te maken. Maar waarom noemen we dit typische herfstbier dan bokbier?
Daar bestaan verschillende theorieën over, maar de meest aannemelijke heeft te maken met de locatie waar voor het eerst het bier werd gebrouwen dat veel gelijkenissen vertoont met het huidige bokbier. In 1614 slaagde een brouwer uit de plaats Einbeck erin om het typische Einbecker bier te brouwen voor de Hertog van Beieren in München. Einbecker bier werd al snel verbasterd tot Ainpöckisch bier dat uiteindelijk zou worden uitgesproken als Ein Bockbier. 
Desondanks hanteren veel merken in Nederland een bok op hun etiketten, verpakkingen en andere marketing-uitingen. Zo ook Bavaria, zoals te zien is op dit oude Bavaria Bokbier etiket uit de 19e eeuw. (https://www.sfbhoreca.nl/bavaria/nl/home/5-weetjes-bokbier.html)

Het verhaal gaat dat de naam aan het begin van de 17e eeuw in Beieren ontstaan is en een verbastering zou zijn van Einbecker Bier. Einbeck was in de Middeleeuwen een beroemde bierstad in Nedersaksen.
Het bier werd tot ver buiten de stadsgrenzen geëxporteerd. Het werd onder meer geleverd aan de Hertogen van Beieren, die het buitengewoon lekker vonden, maar ook veel te duur vanwege de hoge accijnzen. Hertog Wilhelm V besloot een eigen brouwerij op te richten om het Einbecker bier na te laten maken.
In 1591 werd daarmee begonnen in het Münchner Hofbräuhaus. Maar hoe goed de Beierse brouwers ook hun best deden, hun bier haalde het niet bij het Einbecker bier. Rond 1612 werd een brouwer, Elias Pilcher, uit Einbeck naar Beieren gehaald om het Einbecker bier te brouwen. Hij slaagde erin een bier "nach Einbecker Art" te brouwen.
"Einbecker Bier" werd op z'n Beiers als "Ainpöckisch Bier" uitgesproken, verkort "Ainpöck" en ten slotte vroeg men in het gewone spraakgebruik om "Ein Bock". Met een bok heeft de naam dus niets te maken, maar op etiketten wordt wel vaak een bok afgebeeld.
Er zijn nog meer verhalen over de oorsprong en naamgeving van het bokbier, waarin wel een verband met de bok wordt gelegd. Het zou te maken kunnen hebben met de Germaanse god Donar (soms afgebeeld als half mens, half bok) die op een bokkenwagen langs de hemel rijdt, en tegelijkertijd de vruchtbaarheid symboliseert. En vruchtbaarheid werd altijd geassocieerd met de lente, en dus werd de nieuwe gerst- of tarweoogst gevierd met het zojuist bereide nieuwe bier: bokbier dus. Maar dat verklaart niet het bestaan van 'herfst'-bok. (https://bokbier.nl/geschiedenis.html)

De stad Einbeck was in de middeleeuwen een beroemde bierstad. Tot ver buiten de stadsgrenzen werd het bier geëxporteerd. De Hertogen van Beieren genoten hier erg van, maar zij moesten ook diep in hun portemonnee graaien. Door de hoge accijnzen betaalde je namelijk de volle prijs voor het Einbecker bier.
In 1591 werd onder leiding van Willem V een brouwerij in München opgericht om het bier na te maken. Hij wilde niet langer het heerlijke bier importeren van buiten München. Ondanks het vele werk en tijd dat hier werd ingestoken proefde het bokbier niet als het originele recept. Daarom werd in 1612 een brouwer uit Einbeck uitgenodigd. Hij slaagde erin om het bier wél hetzelfde te laten smaken. Tot op de dag van vandaag danken wij nog altijd een feest aan de brouwerij. Het bedrijf was namelijk bier leverancier voor de bruiloft van Lodewijk I van Beieren en Theresa van Saksen. Dat zegt je niet zo veel, maar wel als we zeggend die datum is uitgegroeid tot het Oktoberfest wat we nu kennen.
Om terug te komen op de benaming van bokbier: Einbecker Bier werd in Beieren uitgesproken als ‘Ainpöckisch Bier’. De afkorting ‘Ainpöck’ werd al snel in het leven geroepen. In de volksmond ook wel uitgesproken als ‘Ein Bock’. Et voilà, daar is de naam bokbier geboren. Toch gaan er nog andere verhalen rond over de oorsprong van de naam. Zo kan het te maken hebben met god Donar. Deze half mens, half bok rijdt met zijn bokkenwagen langs de hemel en symboliseert de vruchtbaarheid. De oogst van de tarwe of gerst werd nadat het gemout was gebruikt om bier van de brouwen: bokbier! (https://www.manify.nl/bokbier-tien-voor-bier-4/)

Of het verhaal over Einbeck waar is weet ik niet, maar het wordt vaak aangehaald. Ik moet dan denken aan Roel Mulder die allerlei bierfabels heeft ge-onmythisifseerd.   

Als ik één ding heb geleerd van het schrijven over Nederlands en Belgisch bier de afgelopen jaren, is dat je eigenlijk alles moet checken en nooit iets zomaar voor zoete koek moet aannemen. ... als iets eenmaal op Wikipedia staat, dan gaat het pas echt rondzingen: dankzij vrolijk knip- en plakwerk van allerlei andere websites die het daar weer vandaan plukken, kun je het verhaal overal op het wereldwijde web tegenkomen. (https://verlorenbieren.nl/factcheck-de-belgische-bierwet-van-1852/)

Het lijkt dit keer echter wel rechtte doen aan de mythe....

Volgens Gall&Gall (https://www.gall.nl/bier/soorten/bokbier/#:~:text=Bokbier%20onderscheidt%20zich%20van%20pils,zorgt%20voor%20een%20steviger%20bier.) is het als volgt:

Bokbier stamt oorspronkelijk uit het eind van de 17e eeuw. Het bier is ontstaan in Beieren, Duitsland. Om precies te zijn in de beroemde Middeleeuwse bierstad Einbeck. Einbecker bier werd op z’n Beiers uitgesproken als “Ainpöckisch bier”, verkort werd dat weer Ainpöck wat eindigde in “ein bock”. Dit is de naam waaronder wij het bier tegenwoordig kennen: bokbier. 
Oorspronkelijk schrijf je bockbier met ‘ck’, maar in Nederland ook vaak als ‘bokbier’ geschreven. Beide schrijfwijzen zijn correct. Nederland is overigens niet het enige land waar bokbier zo populair is. Duitsland, Noorwegen, Oostenrijk en Tsjechië brouwen ook maar wat graag dit seizoensbier. 
(https://www.gall.nl/bier/soorten/bokbier/#:~:text=Bokbier%20onderscheidt%20zich%20van%20pils,zorgt%20voor%20een%20steviger%20bier.)

In 19e-eeuws Parijs zorgde het zelfs voor een rage: nadat daar in 1855 het eerste Duitse bockbier werd gesignaleerd, riep al snel heel de stad ‘Garçon, un bock!’ Waar in Nederland de donkere bockvariant inburgerde, nam Frankrijk juist de blonde versie over. Voor Franse begrippen was het een sterk luxebier. Het werd daarom geserveerd in kleinere glazen, een formaat dat ook al snel de naam ‘bock’ kreeg. Er bestonden zelfs flessen van het formaat ‘bock’. Het was inmiddels allang geen seizoensbier meer: de Franse brouwerijen, met name die in de Elzas en Parijs, produceerden het het hele jaar.[1]
Door de jaren heen devalueerde het Franse bockbier nogal: in 1904 was het de stevigste categorie bier, maar tegen 1938 zat het stamwortgehalte op het niet bijster sterke 10,6 tot 11,6 graden Plato, en na de Tweede Wereldoorlog was dat officieel nog 8,48 à 10,04 graden.[2] Het was in feite de benaming geworden voor slap ondergistend blond bier, van het soort dat je tegenwoordig in Nederland bij de Aldi koopt. Andere bieren, pilseners, werden in Frankrijk inmiddels als ‘bière de luxe’ verkocht. In de jaren zeventig en tachtig verdwenen de Franse bocks dan ook geruisloos van de markt. Een laatste herinnering eraan is nog het woord ‘sous-bock’ voor ‘bierviltje’. (https://verlorenbieren.nl/tigre-bock/)

Wie in de geschiedenis van bokbier duikt, stuit algauw op een hele berg legendes en fabeltjes. Alleen al rondom de oorsprong van de naam vond ik meer dan twintig lezingen: het zou vernoemd zijn naar de bokken van de Germaanse god Donar, het zou de naam dragen van sterrenbeeld Steenbok, het zou geschonken zijn in herbergen met een bok als uithangbord, het zou vernoemd zijn naar boekweit, en om zijn vrouw te genezen zou hertog Maximiliaan van Beieren in 1623 Buckinghammer bier uit Engeland (!) hebben laten komen.
Allemaal onzin natuurlijk. Het enige consistente verhaal is dat het oorspronkelijk uit het stadje Einbeck in Nedersaksen zou komen, waarna het bier van ‘Einbeck’ in München bekend werd als ‘Ein Bock’. Het is ook verder niet relevant, want het is duidelijk dat München de bakermat is van het bokbier zoals ze dat nu in Duitsland kennen. En het was ook vanuit München dat het bokbier naar Nederland kwam. (https://verlorenbieren.nl/verloren-bieren-8-het-verschuivende-bokbierseizoen/)

FABELS OVER BOKBIER
Er zijn veel fabels te vinden over de naamgeving van bokbier. Zo zou de naam:
Afkomstig zijn van de Germaanse god Donar die op een bokkenwagen langs de hemel rijdt
Iets te maken hebben met het sterrenbeeld steenbok
Een verband hebben met het gelijknamige dier
HET BROUWPROCES
Bokbier is een van oorsprong ondergistend seizoensbier met een relatief hoog alcoholpercentage. Het begint bij 6% en loopt op tot wel 9%. Bokbier onderscheidt zich van pils doordat er twee keer zoveel mout wordt gebruikt tijdens het brouwproces. Dit levert meer suikers op en zorgt voor een steviger bier. Daarnaast is de mout in bokbier op hoge temperatuur gedroogd. Dit zorgt ervoor dat een deel van de mout karameliseert met als resultaat die karakteristieke, zoete karamelsmaak van bokbier. 
De enige echte eis die in Nederland aan bokbier wordt gesteld is dat het een stamwortgehalte van minimaal 15,5 Plato heeft. Dit geeft de dichtheid van het bier aan en zegt daarmee iets over hoe zwaar het bier is.
België brouwt soms bokbier dat gek genoeg uitsluitend bedoeld is voor de Nederlandse markt.
BOKBIER: SEIZOENSBIER
Oorspronkelijk werd bokbier gemaakt voor de gure, koude winter. Tegenwoordig luiden wij dit seizoen al in oktober in. Er zijn begin oktober dan ook erg veel bokbierfestivals waar je oneindig veel soorten bokbier kunt proeven. Het herfstbok seizoen loopt nu van oktober tot en met februari. Van maart tot en met juni is het tijd voor de lentebok (ook wel meibock genoemd).
SOORTEN BOKBIER: HERFSTBOK VS. LENTEBOK
Een herfstbok heeft vaak een donkere robijnrode kleur, bevat wat meer alcohol en is zoeter van smaak dan een lentebok. Een lentebok is lichter van kleur en heeft een verfrissende, fruitigere smaak vergeleken met herfstbok. https://www.gall.nl/bier/soorten/bokbier/#:~:text=Bokbier%20onderscheidt%20zich%20van%20pils,zorgt%20voor%20een%20steviger%20bier.

Naast herfstbok, vaak 'gewoon' bokbier genoemd, bestaat er in Nederland ook nog lentebok. Lentebok, ook wel meibok genoemd, is een frisse, lichtere variant van bokbier dat vaak tussen februari en juni te koop is. Het bier lijkt qua kleur en smaak tussen een blond en een amber in te vallen en zit het dichtste bij het orginele bier uit Einbeck.
Dan is er nog dubbelbock, of doppelbock, dat lijkt op herfstbok maar wordt gebrouwen met meer mout, vandaar dubbel in de naam. Doordat er meer mout wordt gebruikt zijn er meer suikers aanwezig die door het gist kunnen worden omgezet in alcohol. Het resultaat is een donker bokbier met een hoger alcoholpercentage.
Als laatste heb je Eisbock. Eisbock wordt vaak gemaakt van een dubbelbock, die vervolgens tot net onder de 0 graden celcius wordt gebracht. Alcohol bevriest bij een lagere tempratuur dan water. Hierdoor kan men het alcoholpercentage van het bier verhogen door de ijskristallen, het water dus, uit het mengsel te halen. Deze techniek is, hoe kan het ook anders, ontstaan in Duitsland rond 1890. Het verhaal gaat dat een knecht in de avond vergeten was om de vaten met dubbelbok binnen te zetten. Door de nachtvorst kwamen de brouwer en zijn knecht de volgende ochtend tot de ontdekking dat al hun vaten kapot gesprongen waren. In het ijs zat echter een donkere vloeistof die best goed te drinken was. (https://www.sfbhoreca.nl/bavaria/nl/home/5-weetjes-bokbier.html)

Grolsch introduceert als eerste grote bierbrouwer in Nederland een alcoholvrij alternatief voor bokbier. Met de introductie speelt de van oorsprong Achterhoekse brouwer in op de groeiende vraag naar alcoholvrije bieren in Nederland.  De brouwerij spreekt niet van ‘bokbier’ maar van ‘Herfstbier’ dat ‘verwarmend’ van smaak is. Vorig najaar was Grolsch Herfstbier 0.0% bij wijze van test exclusief verkrijgbaar in proeverijcafés verspreid over het land en tijdens de Military in Boekelo, één van de grootste bokbierevenementen in Nederland. Grolsch Herfstbier 0.0% heeft een diepe robijnrode kleur en een stevige, mokka kleurige, schuimkraag. „Meesterbrouwer Guy Evers is, dankzij een unieke gistsoort en de modernste brouwtechnieken, geslaagd in zijn missie om volle smaken als karamel en rozijnen te creëren. Precies wat de consument zoekt in het najaar”, meldt Grolsch. Evers werkte aan de balans tussen zoet en bitter en optimaliseerde het verwarmende effect: „Door de toevoeging van een natuurlijk chili-extract worden de smaakpapillen geprikkeld en proef je warme tonen.”(https://www.gelderlander.nl/enschede/grolsch-komt-met-alcoholvrij-herfstbier-als-alternatief-voor-bokbier~a8a78efe/)

Vind hier nog wat bier & spijs recepten: https://proefhetzuiden.nl/bokbier-seizoen-begonnen/, zoals gestoofd rundvlees, sukkade, stoofvlees en kaassoep. Ook op https://www.smulweb.nl/recepten/bokbier staat een recept voor stoofpot. Zelfs op Fonq staat een gerecht voor stoofvlees met bokbier.  Overigens vind je bij La Chouffe een recept voor flensjes met bokbier (zie https://chouffe.com/nl/biers/chouffe-bok/#).

Nou ik heb geen stoofpotje of flensjes gegeten, maar wel wat bokbier gedronken.

Davo
Weizenbock | 8,8% | Weizenbock
ZICHT/KLEUR
Robijnrood.
GEUR
Aroma van noten, banaan en rozijn.
SMAAK
Subtiele combinatie van banaan met hints van rozijnen en kandij.
AFDRONK
Vol en aromatisch.
CULINAIR
Heerlijk in combinatie met chocolade of een sukadelapje.
BIJZONDERHEDEN
Winnaar van de Beste Bockbier competitie 2019 in de categorie Special Bock. #bestebockbier
(https://www.mitra.nl/product/davo-weizenbock-33cl)

DAVO Weizenbock is het smakelijke bockbier van Davo Bieren. Typische smaken zoals karamel en koffie zijn mild maar duidelijk aanwezig. Het frisse en lichtzurige wat we gewend zijn van een Weizen komt ook in dit bier naar boven. De combinaties maken dit een mooie bock om te beginnen maar ook een echte smaakmaker om ook als gevorderde bierdrinker van te genieten. Deze Weizenbock ontving in 2016 een zilveren medaille als de Beste Speciaalbock van Nederland en in 2017 een zilveren medaille voor Beste Dubbelbock van de wereld. In 2019 kreeg dit bier een gouden medaille voor de Beste Dubbelbock van de wereld en won het de Beste Bok van het Oosten Bokaal (https://www.bierista.nl/davo-weizenbock)

Soort: Weizenbock
Alcoholpercentage: 8,8%
EBU: 24
EBC: 70
BESTE SPECIAALBOCK VAN NEDERLAND
Lekker zwaar bockbier, diep robijnrood van kleur, met de frisse smaak van een Weizen.
Uitgeroepen tot de beste speciaalbock van Nederland! In 2016 & 2017 zilver ontvangen voor beste speciaalbock van Nederland en beste dubbelbock van de wereld. In 2019 verkozen tot beste speciaalbock van Nederland! (https://www.davobieren.nl/bieren/weizenbock/)
“WAT EEN STERSPELER. ALLES WAT JE VERWACHT VAN EEN WEIZEN EN EEN BOCK, INEEN.” Dennis, CEO & Chef Verkoop (https://www.davobieren.nl/bieren/weizenbock/)

Ik kan in mijn beschrijving niet echt veel meer vertellen dan deze sites, al kan ik me voorstellen dat ik een onpartijdiger mening heb dan de CEO Chef Verkoop van Davo. 

CHOUFFE BOK 6666 is een seizoenbier dat speciaal voor Nederland wordt gebrouwen. Bieren van het 'Bok'-type verschijnen traditioneel eind september op de Nederlandse markt. CHOUFFE BOK 6666 onderscheidt zich door een koperkleurige tint, een frisse en fruitige neus en een aangenaam volle smaak die op een bittere toets eindigt.
6.6% ALC./VOL (https://chouffe.com/nl/biers/chouffe-bok/#)

Chouffe Bok 6666 is speciaal gebrouwen voor de Nederlandse markt. Het is een seizoensbier, verkrijgbaar vanaf eind september. Dit bokbier onderscheidt zich door zijn frisse en vooral ook fruitige smaak. Het beetje bitterheid bespeur je aan het eind. Chouffe Bok 6666 smaakt heerlijk in combinatie met lam, varkenshaas en kip. Ook niet te versmaden bij tonijn, mosselen en zeeduivel.
Details
Brouwerij Achouffe Brouwerij
Bierstijl Bockbier
Alcohol6.7%
CategorieDonker en Rijk
KenmerkenBockbier Herfstbier Seizoensbier
SpijzenGekruide gerechten, Vleesgerechten, Pittige en belegen kazen, Zoete desserts
Drinktemp.8 °C
Volume33 cl
Drinkmoment Haardvuur, Bij het eten, Voor het slapen gaan
GistingBovengistend
(https://www.bierista.nl/chouffe-bok-6666)

Ik zal niet zo veel sites kopiëren dan is mijn mening wellicht wat origineler... maar helaas gewoon bokbiersmaak.

Wat me wel opvalt is dat ik vroeger (toen ik jong was) bokbier niet lekker vond, maar de laatste tijd merk ik dat ik de moutige smaak van bokbier wel kan waarderen. Is mijn smaak verander of is de smaak van het bokbier aangepast?